Thema: Wattsnext

De energietransitie

In de huidige Europese energie sector zijn drie parallelle trends waar te nemen. Ten eerste decentralisatie, waarbij steeds groter wordende hoeveelheden decentrale (duurzame) opwekking door nieuwe spelers op de energiemarkt worden geleverd met nieuwe manieren van samenwerken en met de betrokkenheid van eindgebruikers. Ten tweede de ‘Europeanisering’ van energie, met verschillende overnames van energie-giganten, energiecentrales op grote afstand van de grotere verbruikscentra en grensoverschrijdende energiestromen. Ten derde het toenemende belang van een betaalbaar, betrouwbaar en toekomstbestendig energie systeem. Door de introductie van duurzame energiebronnen is het energiesysteem toekomstbestendiger geworden, maar komt er meer druk te staan op het betaalbaar en betrouwbaar houden van het systeem.  Deze drie trends vormen de basis van de energietransitie. Om deze te kunnen faciliteren is extra flexibiliteit in vraag- en aanbod van energie op systeemniveau in de energievoorziening nodig. Deze flexibiliteit kan helpen om het systeem betrouwbaarder en betaalbaarder te maken, maar kan ook helpen om de trends naar decentrale bronnen en een Europese markt te faciliteren. Flexibiliteit kan door middel van een kosten-effectieve combinatie van de volgende vier activiteiten worden geleverd: het bevorderen van regelbare energie productie faciliteiten, het versterken van het elektriciteitsnet, demand response én energieopslag.

Energieopslag kan daarom niet op zichzelf worden gezien. Het is een onderdeel van een pallet van verschillende manieren om de energievoorziening van de toekomst zodanig in te richten dat deze betrouwbaar en betaalbaar blijft. Het is daarbij belangrijk om energieopslag te beschouwen vanuit een systeembenadering, waarbij de focus ligt op het doel waarvoor het opslagsysteem wordt ingezet. Als het mogelijk is om één opslagsysteem voor meerdere doelstellingen te gebruiken, is eerder een financieel aantrekkelijke situatie te realiseren.

Huidige status energie opslag

Historisch gezien werden energieopslag technologieën (bijv. pompcentrales/ waterkrachtcentrales) voornamelijk ingezet als investering om op momenten van overschot energie op te slaan en weer te gebruiken bij periodes van hoge vraag naar energie. Tegenwoordig wordt energie opslag gezien als één van de oplossingen voor integratie van grote hoeveelheden onderbroken en/of moeilijk te voorspellen hernieuwbare energie uit zon en wind.

In Nederland is de markt voor energieopslag nu nog niet zo groot. Nederlandse partijen doen wel ervaring op met opslagsystemen in proefinstallaties of pilot projecten, zoals een wijkopslagsysteem in Ettenleur of een redox flow systeem bij de Fotonenboer. Verwacht wordt dat deze markt snel zal groeien zodra de omstandigheden gunstiger worden – iets wat zowel door ontwikkelingen in techniek, markt en regelgeving gestuurd kan worden. Nederland heeft wel een sterke kennispositie op het gebied van energieopslag systemen en de toepassingen hiervan.

Uitdagingen

Er bestaat een aantal grote uitdagingen voor de BV Nederland om energieopslag op de juiste manier in de energievoorziening te realiseren en om zelf de juiste positie daarin te pakken. De belangrijkste uitdaging zal niet liggen in de technologie ontwikkeling (ook al moeten daar nog wel stappen worden gezet), maar in het op de juiste manier toepassen van deze technologie en het ontwikkelen van interessante business modellen.

Dit is een verkorte versie van het artikel dat u binnenkort via  deze link integraal kunt lezen.

Bloedkolen uit Colombia

Ongeveer 7% van alle energie in Nederland wordt opgewekt met kolen die in verband worden gebracht met grove en grootschalige mensenrechtenschendingen, aldus het rapport ‘The dark site of Coal‘ van PAX. Het gaat om steenkool uit Colombia.

Minister Ploumen van Buitenlandse handel en Ontwikkelingssamenwerking heeft onlangs een convenant getekend met de vijf grote energiebedrijven, die steenkool importeren uit Colombia. De maatschappijen Nuon, Essent, E.On, GDf Suez en EPZ beloven de eventuele misstanden en mensenrechtenschendingen van deze ‘bloedkolen’ te onderzoeken. Er is afgesproken dat er een gezamenlijke lijst zal komen van alle mijnen en mijnregio’s die Nederlandse elektriciteitscentrales van kolen voorzien. Maar de vijf energiebedrijven zijn niet verplicht om op bedrijfsniveau te melden waar ze hun kolen vandaan halen. Consumenten komen dus niet te weten of ook hun energieleverancier energie opwekt met bloedkolen.

Verkeerde afspraken

De afspraken van de minister met de vijf grote energiebedrijven zijn volgens Richard Klatten van Qurrent de verkeerde afspraken: “Ze lijken een stap in de goede richting, maar alleen omdat het beter is dan niks. De misstanden geven maar weer eens aan dat we af moeten van steenkool als energiebron. De afspraken hadden ook kunnen gaan over hoe we onze afhankelijkheid van steenkolen kunnen verminderen. Niet alleen het milieu, zelfs de mensenrechten zijn erbij gebaat. Een reden te meer om te kiezen voor groene energie en alle grijze stroom te mijden. Alleen dan weet je zeker dat jouw energieleverancier geen bloedkolen gebruikt.”

Oproep aan energieleveranciers

PAX roept Nederlandse energieleveranciers op te stoppen met het inkopen van Colombiaanse steenkool bij de mijnbouwbedrijven Drummond en Prodeco. Deze bedrijven moeten eerst bijdragen aan genoegdoening voor slachtoffers van paramilitair geweld rondom hun mijnen in de periode 1996-2006. Naar schatting 55.000 boeren zijn van hun land verdreven, meer dan 3.000 mensen vermoord en 240 verdwenen. Daders en getuigen verklaren dat Drummond en Prodeco de paramilitairen op verschillende manieren hebben ondersteund: financieel, materieel en met informatie. Het geweld gaat nog altijd door.

Op 24 november vertrekt minister Ploumen samen met CEO’s van vijf energiebedrijven voor een handelsreis inclusief steenkolenmissie naar Colombia. Het gezelschap bezoekt de mijn van Drummond en spreekt met slachtoffers en vakbonden.

Stedendriehoek organiseert Transitiemarkt met prijsvraag naar een energieneutrale stedelijke regio

De regio Stedendriehoek nodigt u uit voor twee ‘transitiemarkten’ op 12 december en 16 januari bij Cleantech Center Zutphen. Tijdens deze transitiemarkten stelt de regio Stedendriehoek zich voor en vertellen ondernemers, bestuurders en bewoners wie ze zijn, wat ze doen en welke ambities ze hebben. Twee unieke kansen om de regio van binnenuit te leren kennen! Op 12 december bestaat het programma uit presentaties van Pieter van der Ploeg (van energiebedrijf Alliander, Strategie) en Eef van Ooijen, wethouder Ruimtelijke Ordening van de gemeente Brummen. Aansluitend is een informatiemarkt ingericht voor bezoekers over de drie thema’s waar de prijsvraag (uitgeschreven door Eo Wijers Stichting) om draait: energietransitie, economische concurrentiekracht en governance.

Prijsvraag

De Eo wijers-stichting is een onafhankelijk netwerk dat een bijdrage wil leveren aan de verbetering van de ruimtelijke kwaliteit van Nederland op bovenlokaal schaalniveau. Om dit doel te bevorderen steunt de stichting opdrachtgevers, in de publieke en private sfeer, die zich over bestuurlijke grenzen heen, inzetten voor concrete projecten en programma’s die ruimtelijke kwaliteit beogen te bereiken. Een van de middelen die zij hiervoor inzet is het uitschrijven van een prijsvraag. Dit jaar is het onderwerp van de 10e prijsvraag: De Stedendriehoek – naar een energieneutrale stedelijke regio. De opgave plaatst energietransitie van de Stedendriehoek (Apeldoorn, Brummen, Deventer, Epe, Lochem, Voorst, Zutphen) in de context van de economische concurrentiekracht van de regio en nieuwe vormen van governance.

De prijsvraag richt zich op multidisciplinaire teams. Deze kunnen bestaan uit onderzoekers, ruimtelijk ontwerpers, economische, sociale en energie-experts evenalstransitiedeskundigen, bedrijven, ontwikkelaars/investeerders en burgers, al dan niet ingroepsverband. Zij worden uitgedaagd om met creatieve, innovatieve  en realiseerbare ideeën voor een energieneutrale Stedendriehoek te komen. Deadline is 20 januari 2015. Meer informatie over deze prijsvraag kunt u hier verkrijgen.

 

Off-grid renewable energy system can prevent malaria

One may wonder what the relation is between SOPRA, a new renewable energy source that produce sustainable electrical energy, and Malaria, a Mosquito-borne disease. In fact there is no technical relationship that bind them. However, from my personal experiences, there is a strong relationship between the lack of electricity and the growth of Mosquito. The most affected area by malaria in Africa is Sub-Saharan Africa (90%) and a further fact is that approximately 70 % of the populations in this region don’t have access to electricity.

Malaria and Africa
According to World Health Organization (WHO); the African Region represents 85% of malaria cases and 90% of malaria deaths worldwide. Statistics from Bill & Melinda Gates foundation and a partnership for Malaria prevention in Africa show there are estimation of 207 million of malaria cases around the world every year. If 85% of this number in Africa as WHO said, it means that there is approximately 176 million of malaria cases in Africa yearly. This costs African countries 12 billions of dollars annually. The result is that Malaria is one of the obstacles to the development.

To prevent the disease, the most effective manner used today in Africa is the use of insecticide-treated nets that significantly reduce the chances of being bitten by a mosquito [Develop Africa], but many people don’t have these kinds of nets. In addition, it is a partial solution that can be used at night. In other words, this approach is not going to eliminate Malaria as achieved in the most of Western Europe since 1930.

Mosquitos use the blood (iron and protein) to make their eggs, which is costly and deadly. Where, every 30 second a child dies due to Malaria. It is also observed that the malaria parasite has begun to resist insecticides and drugs that currently used; Mosquito change its tools. Human beings also need to change the tools that currently used to at least to reduce the number of Malaria victims.

SOPRA as Sustainable Solution
SOPRA system as environmentally-friendly energy source can assist to reduce the number of Malaria cases. Via this system we can have a community with access to improved water supply and sanitation. Why water supply and sanitation specifically? Without exaggeration in Africa these are main sources of Mosquitoes and consequently Malaria. Because of the absence of environmental and health awareness in the rural area and indeed the absence of infrastructure, they waste the dirty water not by channeling it into the sewer, but by wasting it in the surrounding environment, this place became later the best place for Mosquitoes to live and make its age. Processed drinking water that have been provided by sustainable and reliable energy sources can lead to healthy community.

In Savannah’s arears of Sudan it is difficult to sleep outdoor in the autumn’s season (the risk of being bitten by Mosquito is high), at the same time it is difficult to sleep indoor without cooling system, due to the average temperature of 35 C and in this case SOPRA can provide uninterrupted power supply to cool the house down, to avoid mosquito bites.

The people who are living in the cities they use fans (moving the air) to repel the mosquito.

As mentioned in Annual Lecture on Malaria and Human Rights, by Professor Paul Hunt, UN: Six out of eight Millennium Development Goals (MDGs) cannot be achieved without tackling malaria. Even though, MDGs are international community’s commitment, which are not easy to achieve. However by having Renewable energy source such as SOPRA can assist to reduce the risk of being bitten by mosquitoes and drying its breeding places. The result is a healthy society plus good economic status.

Elektrische Harley-Davidson klinkt als straaljager

De eerste elektrische motor van Harley-Davidson is van 26 februari t/m 1 maart 2015 te zien op de motorbeurs in de Jaarbeurs Utrecht. De motor is ontwikkeld in het Project Livewire. Hij heeft een actieradius van 209 kilometer en de maximale snelheid is 150 km/uur. De nieuwe Harley heeft ook een ander geluid: hij klinkt als een straaljager.

Project LiveWire’s in de lengte geplaatste motorblok is geïnspireerd op de superchargers die gebruikt worden in top fuel dragsters. Zijn overall afmetingen, waaronder zijn agressieve spaanhoek en korte achterkant, zijn een ode aan klassiek race-design.

De motor is (nog) niet te koop. Het bedrijf The Motor Company wil eerst met feedback van rijders uitzoeken hoe het de motor verder ontwikkelt. “We nemen de Project LiveWire experience dit jaar het hele land door en gaan in 2015 verder in de VS, Canada en Europa. We nodigen klanten uit om met de motorfiets te rijden en ons te vertellen wat ze ervan vinden. Iedere rijder met een uitnodiging voor de demo en een geldig motorrijbewijs kan een proefrit maken. De beslissing om wel of geen elektrische motorfiets op de markt te brengen – en zo ja, wanneer – volgt pas later.”

Smart grid en de consument (vervolg)

Deel 1  is woensdag 5 november gepubliceerd

Trias Energetica
Is een smart grid een geneesmiddel voor ons elektriciteitsnet? Gaan we niet gewoon verkeerd om met de energie die we tot onze beschikking hebben? Vanuit de Trias Energetica-gedachte zijn er drie stappen die moeten worden doorlopen om tot een energiezuinig ontwerp te komen.
1. Beperk het energiegebruik door verspilling tegen te gaan;
2. Maak maximaal gebruik van energie uit duurzame bronnen;
3. Maak zo efficiënt mogelijk gebruik van fossiele brandstoffen om in de resterende energiebehoefte te voorzien.
Al eerder is het aanslaan van apparatuur op het moment dat de energieprijs laag is, besproken. Bij de invoering van dergelijke ‘flexibele energietarieven’ worden stap 1 en 2 van de Trias Energetica gecombineerd, dit heet demand respons.

Flexibele tarieven
Demand response gaat om tijdelijke beperking van de energievraag om piekbelastingen te voorkomen. Er zijn verschillende manieren om dit te realiseren bijvoorbeeld het werken met flexibele energietarieven. Hierdoor kan de gebruiker besluiten niet-continu draaiende apparaten tijdens piekmomenten op het energienet tijdelijk niet te gebruiken. Onderzoek van de Ferc (Federal energy regulatory commission) heeft aangetoond dat het gebruik van prijsprikkels om het energiegebruik te verschuiven, vaak positief wordt ontvangen. Echter, na verloop van tijd herstelt het oude gedrag zich weer en wordt de wasmachine gewoon aangezet als de gebruiker dat nodig vindt.
Veel gebruikers snappen het nut van demand response niet. En dit is een barrière die moet worden overbrugd. Het ‘heropvoeden’ van de gebruikers is hierin een onderbelicht onderdeel.

Power factor
Ook de vorm van ons energienet biedt stof tot nadenken. Alle smart grid gerelateerde documentatie is geënt op het repareren van het huidige energie net. Terwijl een reformatie van het energienet juist bij uitstek het moment is om ook gemaakte keuzes in het verleden nog eens onder de loep te nemen. In het verleden is om praktische redenen gekozen voor wisselspanning op het electriciteitsnet. De spanning en stroom zijn normaal gesproken tegelijkertijd afwisselend positief en negatief volgens een harmonisch (sinusvormig) patroon. Echter, er wordt steeds meer gebruik gemaakt van electronische apparatuur die gelijkspanning nodig heeft in plaats van wisselspanning. Bij de omzetting van de wisselspanning uit het stopcontact naar de gelijkspanning, ontstaat veelal een faseverschil tussen de netspanning en de netstroom. Bedoeling is dat fabrikanten van electronische apparatuur dit faseverschil elimineren. Dit lukt echter in toenemende mate niet, of niet op deugdelijke wijze. Het gevolg is dat de niet-spanningsdragende leider – de nulleider – sneller overbelast kan raken, wat regelmatig tot oververhitting en brand leidt. De vraag is of dit met regelgeving voldoende in de hand kan worden gehouden.
War of currents
Of moeten we misschien helemaal af van de wisselspanning? Edison was een voorstander van gelijkspanning en zag in 1880 al de voordelen van efficiënt energietransport. Omdat omzetting toen een probleem was werd gekozen voor wisselspanning, het model van Tesla. Wisselspanning was toen de juiste keuze. Binnen de huidige elektronica wordt er hoofdzakelijk op gelijkspanning gewerkt.

Gedrag
Het eerste punt van de Trias Energetica is: beperk het energiegebruik. Los van alle apparatuur en installaties speelt de mens hierbij een cruciale rol. Immers, wij zetten al die apparaten en installaties aan of uit. Om echt grip te krijgen op ons energiegebruik zullen we inzicht moeten hebben in waarom, wanneer en waarvoor we energie gebruiken. Kortom, om van smart grids een succes te maken is het essentieel dat niet alleen de techniek er klaar voor is, maar eerst en vooral dat ook de gebruikers smart grid-ready worden.

Open deuren Internationale Passiefhuis Dagen 7-9 november

Een passief gebouw kan in de zomer bijna vanzelf koel en in de winter bijna vanzelf warm blijven. Daar komt de internationaal gehanteerde vakterm ‘passief’ vandaan. Waar een gewoon huis ‘s winters wordt geventileerd door de warme binnenlucht via de vensters te laten ontsnappen terwijl er koude buitenlucht naar binnen stroomt, gebeurt dit in een passief huis gecontroleerd: de warmte van de afgevoerde binnenlucht wordt in een warmtewisselaar gebruikt om de naar binnen stromende verse lucht vóór te verwarmen. Aangevuld met de warmte van de zon en van de bewoners zelf, ontstaat zo binnenshuis een bijzonder aangenaam en gezond leefklimaat. De verwarmingsinstallatie kan dan meestal uitgeschakeld blijven – ‘passief’ – en dat spaart energie. Een passiefhuis heeft daarom meestal de ramen op het zuiden, is uiterst goed geïsoleerd en heeft zo min mogelijk kieren waardoor warme lucht, of ’s zomers  juist koele lucht zou kunnen weglekken.

Lees verder

Belastingdienst wil btw over zonnestroom van lokale coöperaties

Projecten waarin buurtbewoners samen zonne-energie opwekken staan onder druk. Een BTW-voordeel dat dit soort initiatieven aantrekkelijk moet maken, wordt door de Belastingdienst niet afgegeven. Daardoor dreigen deze projecten niet meer rendabel te worden, en te stranden.

In het vorig jaar afgesloten SER Energieakkoord is afgesproken dat in 2020 een miljoen mensen gebruik moet maken van duurzaam opgewekte energie. Om dat doel te halen voerde het kabinet onder meer de ‘postcoderoos-regeling’ in. Buurtbewoners uit hetzelfde postcodegebied die zelf geen geschikt dak hebben kunnen samen in zonnepanelen investeren. Alle deelnemers krijgen korting op de energiebelasting. De zonnepanelen komen dan vaak op daken van scholen of buurthuizen. Vorige week heeft de Belastingdienst geoordeeld dat energiecoöperaties BTW moeten betalen over de eigen opwekking van energie. Hiermee worden door burgers gerealiseerde zonneparken onhaalbaar.

Moedeloos

Ernst van der Leij is initiatiefnemer en vrijwilliger bij de coöperatie Morgen Groene Energie met zonnepanelen in Eindhoven. Hij berekende dat de postcoderoos-regeling alleen rendabel is als, naast de korting op energiebelasting, er ook géén BTW hoeft te worden afgedragen over de opgewekte energie. Deze week kreeg Van der Leij van de Belastingdienst te horen dat hij en zijn buurtbewoners wel BTW moeten afdragen. Van der Leij: “Pas na maanden wachten hebben we duidelijkheid gekregen van de Belastingdienst. Enthousiaste burgers worden met deze uitspraak echt moedeloos. De duurzaamheidsdoelen gaan we als land op deze manier echt niet halen. Een reparatie van de postcoderoosregeling is noodzakelijk. ”

Doodsteek

Het is een probleem voor alle Nederlandse energiecoöperaties. De Organisatie voor Duurzame Energie, de koepel van energiecoöperaties, noemt het besluit “de doodsteek voor veel andere projecten”. Voorzitter IJmert Muilwijk verwacht dat het enthousiasme van investeerders snel verdwijnt als er geen winst te behalen valt. Het niet doorgaan van allerlei zonne-energieprojecten zou een nieuwe, grote tegenvaller zijn bij de uitvoering van het Energieakkoord. Uit de onlangs gepubliceerde Nationale Energieverkenning blijkt dat de doelstellingen onder druk staan.

DNHK organiseert Nederlands-Duitse Smart Grids Meeting

Slimme elektriciteitsnetwerken staan centraal tijdens de Nederlands-Duitse Smart Grids Meeting op woensdag 29 oktober 2014 van 10:00 tot 17:00 uur in Zeist. Experts uit beide landen zullen hier ingaan op de actuele stand van zaken en de perspectieven aan beide zijden van de grens. De bijeenkomst maakt deel uit van een handelsreis van zeven Duitse bedrijven naar Nederland. Deze bedrijven zullen hun diensten tijdens de meeting kort aan het publiek voorstellen. De organisatie is in handen van de Nederlands-Duitse Handelskamer (DNHK) in samenwerking met Eclareon en Cleantech Holland. Opdrachtgever is het Duitse ministerie van Economische Zaken en Energie (BMWI).

Slimme elektriciteitsnetwerken spelen een sleutelrol bij de overstap naar duurzame energievormen”, zegt Anouk Iuzzolino, energie-expert bij de DNHK. “Door vraag en aanbod van elektriciteit met behulp van slimme apparatuur beter op elkaar af te stemmen, kunnen piekbelastingen vermeden worden en wordt de stabiliteit van het netwerk vergroot.” Door de energiewende hebben Duitse bedrijven al veel ervaring opgedaan met de technieken die hierachter schuilgaan, onder andere door praktijkonderzoek binnen zes Smart Energy-modelregio’s. Duitsland behoort wereldwijd dan ook tot de koplopers op dit gebied. Van deze ervaring kan Nederland profiteren bij het verwezenlijken van de eigen duurzaamheidsdoelstelling van 14 procent in 2020. Tegelijkertijd zijn de Duitsers ook zeer geïnteresseerd in de ervaringen die zijn opgedaan in de Nederlandse modelregio’s. “Van elkaar leren staat dus centraal”, aldus Iuzzolino.

Sprekers

Een van de sprekers tijdens de Smart Grids Meeting is Carsten Beier van Fraunhofer Umsicht, die het project ‘Der hybride Stadtspeicher’ zal toelichten. Doel van dit project is de integratie van duurzame energie in de stedelijke omgeving – enerzijds door middel van centrale en decentrale energieopslag, anderzijds door het inbinden van decentrale energie-opwekkers en verbruikers door middel van aanvullende thermische opslag. Diana Khripko van het Institut dezentrale Energietechnologien gaat in op het potentieel en de uitdagingen van Demand Side Management voor grote industriële energieverbruikers. Het Nederlandse TKI Switch2SmartGrids zal een overzicht geven van de Nederlandse Smart Gridsbranche. Daarbij zal zowel worden ingegaan op de actuele stand van zaken als op de vooruitzichten en veelbelovende projecten.

“De bijeenkomst is vooral gericht op kennisoverdracht en het leggen van contacten”, licht Iuzzolino toe. Op dinsdag 28 en donderdag 30 oktober biedt de Handelskamer bovendien talrijke mogelijkheden om direct in gesprek te komen met Duitse branche-experts. Deelname aan de bijeenkomst evenals aan individuele matchmakinggesprekken is kosteloos.

Meer informatie: DNHK, Anouk Iuzzolino, tel. 070 3114 118, e-mail: a.iuzzolino@dnhk.org, www.dnhk.org/smartgrids

 

Spectaculaire opkomst Green Tech Week 2014

Afgelopen week vond de Green Tech Week in Oost-Nederland plaats, een week met tal van activiteiten voor en door professionals en geïnteresseerden in de sector energie- en milieutechnologie (alle verslagen staan onderaan op een rij). De organisatie had als streven met circa 25 evenementen circa 7.000 bezoekers te bereiken in de eerste Green Tech Week, maar de belangstelling en opkomst overtrof alle verwachtingen: de week trok ruim 22.000 bezoekers.

Harry Webers, bestuursvoorzitter van stichting kiEMT: ‘Een prachtig resultaat waar we enorm trots op zijn. Oost-Nederland heeft laten zien dat het een bruisende regio is. Het is goed gelukt om de krachten te bundelen in een week, met een inspirerend en divers programma dat zeker heeft aangezet tot meer interactie en innovatiekracht. We hebben Oost-Nederland hiermee goed op de kaart gezet als energie- en milieutechnologie-regio, zelfs RTL7 bracht op zondag een compilatie uit over de Green Tech Week in het programma Business-Channel.’
vanaf 12m58s

De klapper van de week was de Techniekdag Arnhem in combinatie met de open dag van Industriepark Kleefse Waard op zaterdag 11 oktober, de afsluiting van de week. Ondanks de regen op de zaterdagmiddag trok dit event naar schatting 15.000 belangstellenden, veelal basisschoolkinderen met hun (groot)ouders.

Twitter

Ook online is was er veel belangstelling voor de Green Tech Week: er verschenen bijna 1.500 berichten over, vooral via twitter, die terecht kwamen bij iets minder dan 900.000 mensen, zo blijkt uit de analysetool Coosto.

Teruglezen?

De verslagen van EnergieNext over de Green Tech Week op een rij:

Startschot Green Tech Week
Opening Cleantech Center
Dag van de duurzame ZZP’er in de Achterhoek
GreenTech congres: hoe financier je groene groei

600 Basisschoolkinderen bouwn windmolenpark
Solar Solutions Worldwide wint Jan Terlouw Innovatieprijs 2014
Financiering vinden voor Energie en Milieutechnologie
Groene Ideeën, Gouden Bergen

Vroeg uit de veren voor de Early Morning Toast over energiesystemen van de toekomst
IGEV netwerkevent: Nederland kan sneller duurzaam
Powerlab staat bol van Energie innovaties
NulNu congres over Het Nieuwe Woningen brengt nieuwe inzichten

GREAT informatiebijeenkomst: Markt is rijp voor commerciële smart grid-toepassingen
Nieuw Solar Demo Lab op de HAN opent zijn deuren
Symposium HAN: Werken en leren met energie helpt talent van branche naar branche
Masterclass: Duurzame energie zet internationale energiemarkt op zijn kop

3000 basisschool leerlingen starten een duurzame revolutie
Duurzame initiatieven in De Groene Delta van Nijmegen
Spetterende afsluiting van de Green Tech Week

Spetterende afsluiting van Green Tech Week

Zaterdag 11 oktober was de Open dag van het Industriepark Kleefse Waard (IPKW) gecombineerd met de Techniekdag Arnhem. Naar schatting hebben 15.000 belangstellenden (veelal basisschoolkinderen met hun (groot) ouders deze dag bezocht. Een Record!

Het IPKW is een bedrijventerrein in de hogere milieucategorieën, een plek voor energie-intensieve ondernemingen met een innovatief karakter, een broedplaats voor clean technology. Onlangs kreeg het nog een prijs voor beste bedrijventerrein van het jaar in de categorie ‘new kid on the block’. Het bedrijventerrein bestaat uiteraard al sinds 1940 maar heeft een geweldige transformatie doorgemaakt. Marketing en communicatiemanager Kevin Rijke van IPKW kijkt met heel veel trots terug op deze afgelopen week. Het begon hier op maandag met de opening  van de Green Tech Week door gedeputeerde Annemieke Traag waar zo’n 300 deelnemers aanwezig waren en vanochtend toen de poorten open gingen voor de bezoekers en ik zag dat alles goed liep, kreeg ik een kippenvel moment:  Arnhem leeft als het gaat om energie, aldus Kevin.

Techniekdag Arnhem

Op de Techniekdag waren diverse thema pleinen ingericht: Bouw, Infra en Procestechnologie, Science & Chemie, Mobiliteit & Ruimte, ICT & Media, Water, Energie & Natuur, Medisch & Voeding en Design & Lifestyle. Om deze themawerelden met elkaar te verbinden, werden diverse duurzame vervoersmiddelen zoals een solartrein, fietstrein, lorrie over de oude spoorbaan ingezet. Op het water konden de kinderen met kleine zeilbootjes (optimisten en flying juniors) en de beroemde solar boat van de HAN één van de honderd doe-activiteiten beleven. De spetterende fly board show (foto) werd ieder uur vertoond. Ook bij Kraanverhuurbedrijf Wido, waar de kinderen met een werkbak naar boven konden gaan was het een drukte van belang. Volgens Theo Köster van Wido die al sinds de eerste Techniekdag hieraan meewerkt, was er nog nooit zo’n grote opkomst. De opening werd verricht door oud VNO-NCW regiomanager Arnhem-Nijmegen, Gerbert Wubs die destijds in 2007 de initiatiefnemer was van de organisatie van de Techniekdag. Ook wethouder Hans Giesing van economische zaken en onderwijs was bij de opening aanwezig.

Tevens laatste dag Green Tech Week

Medeorganisator van de Green Tech Week, Harco Dijkstra van het Kenniscentrum Bèta Techniek en de stuwende man achter  de Techniekdag kijkt tevreden terug op deze dag: 150 bedrijven en scholen deden vandaag hun best om zoveel mogelijk jonge kinderen te interesseren voor techniek. Zelfs het leger was met de lucht mobiele brigade aanwezig. Ik denk dat we totaal met de Green Tech Week 20.000 mensen hebben bereikt met de diverse evenementen. Helaas gingen wat kleinschalige specifieke activiteiten niet door maar de generieke evenementen waren een succes: voor herhaling vatbaar, aldus Harco. Wel is hij van mening dat er meer spreiding over Oost Nederland zou moeten plaats vinden. Nu stond Arnhem wel heel erg in de picture. Hij hoopt dat volgend jaar de Provincie Overijssel er beter bij wordt betrokken.

Duurzame initiatieven in De Groene Delta van Nijmegen

Op de Dag van de Duurzaamheid, 10-10, de vrijdag van de Green Tech Week, bezochten zo’n zestig belangstellenden in Villa Lux in Nijmegen het symposium ‘De Groene Delta van Nijmegen’. Organisator GDF SUEZ Energie Nederland had diverse stakeholders uitgenodigd: van politici tot ondernemers en vertegenwoordigers van milieuorganisaties.

Mike van der Weerd, CFO van GDF SUEZ Energie Nederland, schetste de positie van GDF SUEZ in Europa en wereldwijd. Na vragen van het publiek ging hij in op Carbon Capture & Storage (CCS)-plannen in Rotterdam, het opslaan van elektriciteit en het vraagstuk van het CO2-emissiesysteem en een mogelijke CO2-taks. Hij bepleitte een goed werkend CO2-emissiesysteem en Europese gelijkheid in regels en belastingen.

Jeroen Schaafsma, vestigingsmanager van de elektriciteitscentrale Gelderland, vertelde over de aanstaande sluiting van die kolencentrale als gevolg van het Energieakkoord. Aan de hand van een video-animatie ging hij in op opties voor nieuwe energievormen op het bestaande terrein. Van wind- en zonne-energie tot een biomassacentrale en vergister. “Een ideale plek voor dergelijke initiatieven, dicht bij potentiële afnemers”, aldus Schaafsma.


Wethouder Harriët Tiemens belichtte diverse duurzame initiatieven in Nijmegen. Ze toonde zich blij met de ideeën voor de Groene Delta van Nijmegen, zoals de locatie van de elektriciteitscentrale wordt genoemd. Ze prees de inspanningen die worden gedaan op gebied van het warmtenet, waarvoor recent nieuwe leidingen door de Waal zijn gelegd via het terrein van de centrale. Ze kondigde aan dat de capaciteit van dat warmtenet sterk zal uitbreiden. Een overeenkomst daartoe is dezelfde middag getekend.

Dr. Gulden Yilmaz van Wageningen Universiteit nam aan het eind van het ochtendprogramma de aanwezigen mee in de wereld van de biomassa en het biobased research. Als voorbeeld noemde ze daarbij de pogingen om uit GFT-afval meer te kunnen halen dan alleen compost. “Dat vereist scheiding van dat afval. Dat is erg lastig, maar er wordt al aan gewerkt om meer te kunnen doen met dat afval dan alleen composteren.”
’s Middags waren er workshops over biomassa, vloeibaar aardgas en startups in de sector.

Innovatiemanager TenneT vertelt over internationale energiemarkt

Mart van der Meijden, innovatiemanager bij TenneT en professor aan de TU Delft, gaf donderdag 9 oktober een masterclass international business op de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen. De opkomst van duurzame elektrische energie zorgt voor drastische veranderingen op de internationale energiemarkt.

In de de zaal zitten mensen met uiteenlopende interesses en achtergronden, die de masterclass Impact of energy transition on TenneT volgen. Techniekdocenten, studenten Control Systems Engineering, studenten Master International Business, politici en meer. Een aantal droeg aan het begin van de masterclass onderwerpen aan, die vervolgens werden behandeld.

De opslag van duurzame elektrische energie bleek een populair thema. Dit kan een fundamenteel probleem oplossen, dat een duurzame energievoorziening in de weg staat. Onze energievoorziening wordt voor een groot deel afhankelijk van zon en wind. Maar als deze elementen niet aanwezig zijn, wil men ook stroom verbruiken. Daarom is er opslagcapaciteit nodig. Wanneer er meer elektriciteit geproduceerd wordt dan op dat moment nodig is, slaan energiebedrijven of huishoudens die op en gebruiken de energie wanneer de zon niet schijnt en de wind niet waait.

Van der Meijden is niet persee voorstander van fysieke energieopslag. Hij legt uit dat internationale handel een groot deel van het probleem kan oplossen. “Wij moeten verbindingen zoeken met andere Europese landen. Op momenten dat wij meer duurzame energie opwekken dan we kunnen gebruiken, exporteren we naar het buitenland en op momenten dat wij een tekort hebben, importeren we energie.

Als voorbeeld neemt Van der Meijden een elektriciteitskabel tussen Noorwegen en Nederland. “In Noorwegen halen ze veel elektriciteit uit waterkracht. Maar eens in de tien jaar valt er niet genoeg regen om de inwoners van Noorwegen van elektrische energie te voorzien. In plaats van energieopslag, verkopen de Noren veel duurzame elektriciteit aan landen en importeren ze energie wanneer een tekort in Noorwegen ontstaat. Op die manier creëer je een soort virtuele opslag”, aldus Van der Meijden.

Aan deze tactiek zit wel een keerzijde, laat Van der Meijden weten. “Er zijn Noren die niet blij zijn met de kabel tussen Noorwegen en Nederland. Hierdoor stijgen de energietarieven in Noorwegen. De prijzen in Nederland zijn gunstiger, waardoor Noorse energiebedrijven liever aan Nederland verkopen. Daardoor ontstaat een energietekort in Noorwegen, waardoor de prijzen in dat land stijgen.”

Halverwege de masterclass laat Van der Meijden een kaart van Europa zien, met een aantal duurzame energiebronnen. In de kustgebieden wordt veel windenergie opgewekt, in het oosten wordt veel energie uit biomassa gehaald en in het zuiden wordt veel zonne- en biothermische energie opgewekt. Als een van die bronnen op een bepaald moment niet gebruik kan worden, kan een ander soort bron, in een ander deel van het continent, Europese landen van stroom voorzien. Dit zorgt wel voor een aantal technische uitdagingen. “Je krijgt enorme energiestromen die in verschillende richtingen door Europa lopen. Die richting is afhankelijk van het seizoen. Daar is het huidige net niet op gebouwd. Energiecentrales die fossiele brandstof gebruiken, staan juist heel dicht bij de plek waar energie gebruikt wordt en wekken precies op wat nodig is”, aldus Van der Meijden.

Maar of we één groot ‘connected grid’ krijgen, is maar de vraag. Energieopslag zal in de toekomst goedkoper worden en wellicht mogen we in de toekomst elektriciteit delen met onze buren. (Dat is nu bij wet verboden). Er ontstaan kleine, lokale, ‘slimme’ energienetwerken.

“Ik weet niet hoe en wanneer het energienet verandert”, zegt Mart van der Meijden. “Dat hangt onder andere van prijzen af. Op het moment dat energieopslag goedkoper wordt, komen er andere technische oplossingen dan nu. En die hebben een ander effect op de internationale energiemarkt”, zegt Van der Meijden. “Maar wat ik wel weet: als we geen Europees plan maken, is de transitie naar duurzame energie veel te duur.”

De masterclass van Mart van der Meijden is de eerste in een serie colleges, die onderdeel uitmaakt van de HAN-master International Business.

Nieuw Solar Demo Lab op de HAN opent zijn deuren

Het Solar Demo Lab is een nieuwe faciliteit op de campus van de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen faculteit in Arnhem. Het is een kas waarin geëxperimenteerd kan worden met opwekking en opslag van duurzame energie en met name met nieuwe technieken op het gebied van Solar Concentration. Het is nog volop in ontwikkeling, maar op 9 oktober konden de deelnemers aan de symposiums een kijkje nemen. Het onderzoekslab is bedoeld als proeftuin waar MKB bedrijven kunnen samenwerken met onderzoekers en studenten van de HAN aan de realisatie en optimalisatie van verschillende toepassingen zoals testen van zonnepanelen, opslag van warmte, testen van zonnecollectoren tot het groeigedrag van planten en nog veel meer. De opening van dit Solar Demo Lab werd verricht door de Lector Piet Sonneveld van Duurzame energie, Tinus Hammink, programmamanager SEECE en Rik Catau onderzoeker en projectleider van het lectoraat Duurzame energie met de onthulling van de thermo akoestische motor: van hitte naar elektrisch. Dit alles ook weer in het kader van de Green Tech Week.

Mini Symposium

Het symposium over Solar Demo Lab in de middag voorafgaand aan de opening, begon met een Introductie van de faculteit Techniek door Janneke Hoekstra, directeur Faculteit Techniek  (HAN). De faculteit techniek is breed en internationaal georiënteerd en mag zich verheugen op een alsmaar stijgende toename van studenten. Daarna vertelde  Kees Everse manager bij Grontmij hoe het bedrijf vorm geeft aan een duurzame leef- en werkomgeving door gebruik te maken van nieuwe technologieën zoals zon, regen, luncht en wind. Hij signaleerde de nieuwe  trends zoals biobased economy, ultradiepe geothermie en smart grids volgens het multi source concept.

Ruud Cuypers van TNO gaf een presentatie over Langetermijn Energieopslag . TNO werkt in de triangle van industrie, universiteit/hogeschool en overheid. De langetermijn energieopslag is nodig omdat het ons naast besparing (financieel) ook onafhankelijk zal maken van olie- en gaswinninglanden als Rusland. Tevens levert het ons tal van bijvangsten op zoals een effectievere manier van duurzame energie gebruik door bijvoorbeeld via thermochemicals (zoals calcium chloride hydraat) de hitte van de zomer op te slaan en te gebruiken in de winter.

Tot slot van dit symposium sprak lector Piet Sonneveld over de drie activiteiten gaande in het Solar Demo Lab: zonne-energie; energie-conversie (van warmte naar elektrisch) en warmteopslag (bijv. solarcooking).  Daarna gingen de 50 deelnemers op weg naar de praktijkruimte.

Bedrijvenmarkt trekt veel studenten

Op 9 oktober waren er tal van activiteiten op de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen faculteit Techniek. Naast de beide  symposiums (Solar Demo Lab en Werken en Leren met energie) vond er ook een engineeringsbedrijvenbeurs met 66 bedrijven en een Informatica Communicatie Academie (ICA) bedrijvenmarkt met 19 bedrijven plaats. Ruim 500 studenten van de opleidingen ICA, Werktuigbouwkunde, Technische Bedrijfskunde, Industrieel Product Ontwerpen, Elektrotechniek en Embedded Systems Engineering liepen langs de vele stands. Zowel de bedrijven als de studenten hebben het als zeer nuttig ervaren. De diversiteit aan bedrijven was voor veel studenten een goede mogelijkheid om zich te verdiepen in hun carrière kansen.

Nederland kan sneller duurzaam

Innovatiecentrum Groene Economie Noord-Veluwe organiseerde in de Green Tech Week op 8 oktober in Elburg het netwerkevent ‘Samen Sneller Duurzaam’. Zo’n tachtig mensen luisterden naar onder andere presentaties van Marjan Minnesma, directeur van Urgenda, Jan Jurriëns, lector op de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen, en Louis de Boer, manager van de Greenhouse.

Marjan Minnesma is al drie jaar nummer 1 van de Trouw Duurzame top 100. Ze is ervan overtuigd dat de energievoorziening in 2030 in Nederland volledig duurzaam kan zijn: “Het kan als je het wilt. Ecologie is de basis van je economie, dat moeten we meer beseffen, zonder ecologie geen economie. Een circulaire economie noodzakelijk, want binnen veertig jaar zijn alle grondstoffen uitgeput. De opwarming van de aarde met 2% heeft enorme consequenties: in de tweede helft van deze eeuw komen er extremen in het weer, wat ook zal leiden tot sociale onrust. Men beseft de urgentie van maatregelen niet. We kunnen veel meer doen! Particulieren kunnen bijvoorbeeld al voor 35.000 euro hun woning energie-neutraal maken, we kunnen prima vegetarisch eten zoals producten van de vegetarische slager, er kan anders geproduceerd worden op basis van een biobased economy.”

Tijdens de forumdiscussie over de transitie naar een volledige duurzame energievoorziening in de regio Noord-Veluwe wordt er met Marjan Minnesma verder op ingegaan. Andere forumleden zijn: Ronald Cleijsen, voorzitter Noord Veluws Ondernemers Overleg, Adriaan Hoogendoorn, voorzitter van de Stuurgroep IGEV, Ton van der Giessen, directeur Van Werven, en Han van Kasteren, lector duurzame energie en groene grondstoffen van Hogeschool CAH Vilentum.

Daarna is het woord aan Jan Jurriëns en Louis de Boer. Jan Jurriëns is lector Innovatie in de Private Sector bij de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen (HAN). Hij vertelt over de samenwerking tussen innovatieve start-ups en gevestigde bedrijven. Louis de Boer, manager van de Greenhouse, een incubator met huisvesting voor innovatieve start-ups in de cleantech, licht toe wat het ideale klimaat is om deze start-ups tot bloei te laten komen.

De middag wordt afgesloten met een hapje en een drankje, waarbij de bezoekers actief netwerken.