Thema: Wattsnext

Alternatieven voor onze gasverslaving

In Nederland vinden we gas de normaalste zaak van de wereld. Echter, hoe aantrekkelijk is het om afhankelijk te zijn van politiek instabiele landen? Mijn inziens is het belangrijk om onze afhankelijkheid gestaag af te bouwen, om te kunnen werken aan een economie die draait op werkelijk duurzame energiebronnen volgens het 3-stappenplan: eerst verminderen, dan duurzame alternatieven en wat niet verminderd of duurzaam kan, in ieder geval zo schoon mogelijk.

Stap 1: verminderen van de gasvraag

Van de om en nabij 40 miljard kubieke meter aardgas die we binnen Nederland op dit moment per jaar consumeren, komt de helft uit onze eigen aardgasvelden. Er is nog voor 50 jaar aan productie over, echter, vanwege onze rol als exportland zijn we naar schatting over 10 jaar netto importeur van gas geworden. Waarom importeren we gas? Om ook na 2025 in gas te kunnen handelen, gas op te slaan in onze lege gasvelden, en de Europese gasrotonde te worden. Concluderend: hoe sneller we onze eigen consumptie omlaag krijgen, hoe sneller we gebruik kunnen maken van onze positie als gasrotonde. Huishoudens in Nederland omvatten zo’n 50% van de totale Nederlandse gasconsumptie. Hoe dit te verminderen? Elektrificatie van huishoudens is een van de antwoorden. Om aan de stijgende vraag te voldoen kan er op huishoudelijk-, buurt- en centraal niveau meer hernieuwbare energie worden opgewekt, voornamelijk in de vorm van zon-PV en wind. Bij deze optie is het belangrijk meer te investeren in de flexibiliteit van het lokale distributienet. Aangezien huishoudens vaker energie gebruiken op momenten dat de zon niet of minder schijnt, zal er moeten worden geïnvesteerd in ‘demand response’ (bijvoorbeeld in de vorm van ‘slimme’ wasmachines en vriezers) en opslag van elektricteit. (Zie verder mijn volgende blog over de noodzaak van een flexibel elektriciteitsnet).

Stap 2: verduurzamen van gas

Het gas dat nog nodig is kan worden geproduceerd als groen gas. Dit is gas uit een gasvormige energiedrager uit hernieuwbare biomassa met een kwaliteit gelijk aan de aardgaskwaliteit in het openbare net. ECN heeft berekend dat voor 2030 een maximum potentieel geldt van 3,5 miljard kuub groen gas in 2030. Biogas wordt geproduceerd uit onder meer slib, afval van stortplaatsen, tuinafval, resten groente en fruit, en dierlijke restproducten zoals koeienmest. Het biogas wordt vervolgens gezuiverd en gedroogd en op dezelfde kwaliteit als aardgas gebracht. Na deze bewerkingen mag het groen gas heten en is het een duurzaam alternatief voor fossiel aardgas.

Stap 3: bestaand gas en geïmporteerd gas slim gebruiken

Op huishoudelijke schaal is het niet slim hoe we met gas omgaan. Aardgas is een energiedrager met een relatieve hoge energetische waarde. Dat wil zeggen dat met een kleine hoeveelheid gas veel arbeid kan worden geproduceerd. Dit heet exergie, wat iets zegt over de inzetbaarheid van de energie. In veel woningen wordt nu het aardgas in een CV-ketel verbrand om warm water te maken. Dit gebeurt energetisch weliswaar met een hoog rendement (tot meer dan 100 procent), maar exergetisch met een slecht rendement. Als aardgas omgezet wordt naar warm water, zoals in elke CV-ketel gebeurd, daalt de exergie sterk, warm water kan immers alleen ingezet worden voor verwarmingsdoeleinden.
Nederland kan en moet het roer omgooien wat het gasbeleid betreft.

Eerste tankstation voor auto’s op waterstof

Staatssecretaris Mansveld van Infrastructuur en Milieu opende op 3 september 2014 in het Zuid-Hollandse Rhoon een pompstation voor auto’s die op waterstof rijden. Het is de eerste van twintig tankpunten die de komende jaren in Nederland langs de weg komen.

Nederlandse waterstof voor Europa

Nederland neemt in Europa een belangrijke positie in op het gebied van innovatie en de productie van waterstof. In de regio Rotterdam wordt deze brandstof voor een groot deel van de Europese markt geproduceerd. Via onder meer ondergrondse leidingen wordt waterstof getransporteerd naar België en Frankrijk.

Kinderschoenen

Waterstof als brandstof staat nog in de kinderschoenen. Momenteel kan er waterstof worden getankt op circa honderd plaatsen in de wereld. Tot nu toe rijden in Nederland alleen enkele vrachtauto’s, een bestelauto en een aantal bussen op waterstof. Deze konden voor een tankbeurt terecht in Arnhem, Amsterdam en Helmond. Het nieuwe tankstation aan de A15 in Rhoon geeft een impuls aan waterstof voor personenauto’s, omdat deze ook toegankelijk is voor de gewone automobilist. Volgend jaar zijn er openbare waterstof-tankstations gepland in Arnhem, Amsterdam, Eindhoven en Oude Tonge en daarna volgen er meer. Het waterstoftankstation in Rhoon is van het Franse bedrijf Air Liquide, dat bouwt aan een groter Europees netwerk van waterstofstations.

4 miljoen euro voor waterstofbussen

De staatssecretaris kondigde aan dat er vier miljoen euro beschikbaar is voor provincies die proeven willen doen met waterstofbussen voor personenvervoer. Rijkswaterstaat heeft sinds kort zelf de eerste twee Nederlandse waterstofauto’s in hun wagenpark.

Lesmateriaal voor vwo-leerlingen over waterstofauto

Voor bovenbouw vwo-leerlingen is er lesmateriaal over de waterstofauto bij het vak Natuur, Leven en Technologie. Deze is o.a. ontwikkeld door de TU-Delft. Leerlingen verdiepen zich in het hart van de waterstofauto: de brandstofcel. Ook gaat de module in op opslagvormen en natuurkundige en wiskundige modellen van de krachten op de auto. Leerlingen leren over de hoeveel brandstofcellen die nodig is voor een bepaalde snelheid. Het lesmateriaal (download) staat hier.

Energiek Gelderland stimuleert energietransitie

De provincie Gelderland heeft een nieuwe website voor iedereen die het leuk vindt en meer wil leren, weten, of wil samenwerken op het gebied van energietransitie en ruimtegebruik in Gelderland. Sluit je aan bij netwerken, praat mee, bekijk projecten en lees meer over welke kaarten, programma’s en subsidies jouw duurzame energie initiatief verder kunnen helpen.

Energiek Gelderland is een platform om de energietransitie in Gelderland te stimuleren door beschikbare kennis en energie-informatie te ontsluiten en gericht te delen tussen de Gelderse samenwerkingspartners. De site is mede mogelijk gemaakt door het Prioritair Programma Energietransitie & Programma Ruimte van de provincie Gelderland.

HAN inventariseert duurzaamheidsvraagstukken op Lowlands

Studenten die deelnemen aan de HAN-minor Green S-team houden zich vanaf september bezig met de verduurzaming van festivals. De komende weken formuleert de HAN concrete studieopdrachten. Ter inspiratie leidde Ronny Hooch Antink, directeur van evenementenorganisatie LOC7000, een delegatie van de HAN rond op Lowlands.

Zelfs zonder bezoekers heerst er drukte op het Lowlandsterrein. In het uitgestrekte polderlandschap van Flevoland racen medewerkers in karretjes rond, takelen technici enorme lichtinstallaties de lucht in en rijden vrachtwagens af en aan met drank en etenswaren. Het is woensdag 13 augustus, wanneer een delegatie van de HAN samen met partner ZAP Concepts de opbouw van het festival bijwoont. Een dag voor de start van het driedaagse muziekfestival dat jaarlijks zo’n 55.000 bezoekers trekt.
Opbouw licht
Festivals als Lowlands zijn een logistiek meesterwerk. In korte tijd wordt een kleine stad uit de grond gestampt. Inclusief riolering, voedselvoorziening, afvalbeleid, parkeergelegenheid en een energienetwerk. Net als in een echte stad brengen die voorzieningen een nadeel met zich mee: vervuiling.

Er worden regelmatig nieuwe oplossingen verzonnen die vervuiling door Lowlands terugdringen. Dit jaar konden bezoekers slapen in een zogenaamde one nights tent, een recyclebare tent waar de gebruiker statiegeld voor betaalt. Die werd geïntroduceerd omdat veel festivalgangers hun afgedankte tent op de camping lieten slingeren. Ook vroeg de organisatie dit jaar parkeergeld om autorijden te ontmoedigen en om een speciale Lowlandsbus te bekostigen, die de bezoeker van ‘voordeur naar voordeur’ bracht.

Maar er liggen nog veel uitdagingen. Lichtshows, knallende muziek en koude drankjes vragen veel energie. Lowlands verstookt per editie meer dan 100.000 liter diesel. Er worden generators ingezet, omdat er geen elektriciteitsnet aanwezig is op het festivalterrein.
Stekkers
Onderzoek naar de aanleg van een elektriciteitsnetwerk brengt een aantal problemen aan het licht. Het vastrechttarief is bijvoorbeeld niet afgestemd op incidenteel gebruik, zoals bij festivals het geval is. Daardoor zijn de kosten verhoudingsgewijs erg hoog. Daarnaast is de aanleg van een elektriciteitsnet op zich al een flinke investering, voor een festival dat een keer per jaar plaatsvindt.

De komende weken formuleert de HAN, samen met ZAP Concepts, concrete cases voor studenten die de minor Green S-Team volgen. Bijvoorbeeld rondom de duurzaamheidsuitdagingen die in dit artikel genoemd worden. Begin september vindt de kick-off van het project plaats. Hou deze website in de gaten voor meer nieuws!

6-11 oktober Green Tech Week in Oost-Nederland

Rondom de Dag van de Duurzaamheid op 10-10-2014 vindt de eerste editie plaats van de Green Tech Week in Oost-Nederland. De week is een initiatief van GreenTechAlliances, powered by kiEMT, Gelderland Valoriseert!, SEECE, VNO-NCW Midden, de Kamer van Koophandel en de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland. De hele week zijn er activiteiten, startend met het GreenTech congres in Arnhem op 6 oktober. Professionals en geïnteresseerden in energie- en milieutechnologie kunnen hun hart ophalen.

Dagthema’s

Elke dag staat in het teken van een thema.
• Maandag 6 oktober: groene groei (financieel)
• Dinsdag 7 oktober: circulaire economie
• Woensdag 8 oktober: duurzaam bouwen en energiebesparing
• Donderdag 9 oktober: duurzame energie en mobiliteit
• Vrijdag 10 oktober: biobased economy en innovatie

Op zaterdag 11 oktober is de publieksdag. Op Industriepark Kleefse Waard zijn er tal van activiteiten, georganiseerd met het KennisCentrum Bèta Techniek, VNO-NCW, Rijn IJssel, Zijm, Hogeschool van Arnhem en Nijmegen, Maarten van Rossum, van Wijnen, Technoplanet en Opleidingsbedrijf Installatiewerk.

Doe mee

Doe ook mee! Neem deel aan de green tech-activiteiten of organiseer zelf een activiteit en meldt deze aan.

24.000 zonnepanelen op huurwoningen Haarlemmermeer

Er is groen licht gegeven voor het plaatsen van 24.000 zonnepanelen op huurwoningen in Haarlemmermeer. De panelen zouden samen vijf miljoen kwh aan zonnestroom per jaar moeten opwekken. Het lokale energiebedrijf Tegenstroom heeft vier partijen uitgezocht die de zonnepanelen zullen plaatsen.

Investering van 10 tot 12 miljoen

Voor de zonnepanelen is een investering nodig van 10 tot 12 miljoen euro. Tegenstroom heeft hiervoor met garantie van de gemeente een lening afgesloten bij de Bank Nederlandse Gemeenten. De panelen worden geplaatst op woningen van woningstichting Ymere.

Bewoners in de regio worden benaderd om zich aan te melden voor de zonnepanelen. Per huis wordt een aanbod gedaan om acht zonnepanelen te plaatsen. Hiervoor betalen de huurders een vast bedrag per maand aan Tegenstroom. Er wordt gehoopt op 3.000 aanmeldingen.

Interesse van andere regio’s

Tegenstroom heeft voor de aanbesteding alle woningen verdeeld in zeven percelen. Elke installateur heeft één tot twee percelen gekregen. Directeur Andrea van der Graaf van Tegenstroom geeft aan dat dit is gedaan om te voorkomen dat één partij de hele opdracht zou krijgen. Volgens Van der Graaf hebben veel partijen uit andere regio’s interesse getoond in het project, zoals in Apeldoorn en het Groene Hart.

Proefproject

Eerder is met Tegenstroom een proefproject gestart in de Hoofddorpse wijk Graan voor Visch. Daaraan doet meer dan de helft van de huurders mee. Er liggen inmiddels 536 panelen op de daken van 67 woningen.

Bron: GroeneCourant.nl

Wethouder bezoekt energiebedrijven op Arnhems Buiten

Onlangs bracht Hans Giesing, de nieuwe Arnhemse wethouder van Economische Zaken, een bezoek aan Energy Business Park Arnhems Buiten. Het bezoek is onderdeel van zijn inwerkperiode. Giesing maakte kennis met een aantal innovatieve organisaties die zijn gevestigd op het business park en kreeg uitleg over de concepten Energyclub en Powerlab, en hun economische impact.

Kinetisch energie-opslagsysteem

Giesing werd ontvangen in de Kookplaats, een sfeervolle horecagelegenheid op Arnhems Buiten, waar Mark Achterberg (directeur Arnhems Buiten) een inleiding gaf over het business park. Vervolgens ging het hele gezelschap, al fietsend op een Mando Footloose, naar een volgende bijzondere locatie op Arnhems Buiten: een kantoorvilla met monumentale status, waar recent TEGEMA en CNEX Global B.V. hun intrek hebben genomen. Vervolgens gaf Dominique Becker Hoff van S4 Energy een toelichting op een belangrijke innovatie die in het historische gebouw B31 op Arnhems Buiten plaatsvindt: de ontwikkeling van een kinetisch energie-opslagsysteem dat elektriciteit met een groot vermogen kan opslaan en weer kan loslaten.

Powerlab

Giesing bracht een bezoek aan Powerlab, een nieuw concept op Arnhems Buiten waar onderwijs en bedrijfsleven structureel samenwerken op het gebied van duurzame energievoorzieningen. Door deze samenwerking, innovatief onderzoek, testen en productie van innovatieve componenten, wordt de transitie naar een nieuwe energiewereld ondersteund met meer en beter toegeruste studenten, startende ondernemers en beroepsbeoefenaars in bedrijven die gespecialiseerd zijn in de Energie & Milieutechnologie-sector. Powerlab wordt geopend op 8 oktober, tijdens de Green Tech Week.

DNV GL

De middag werd afgesloten in de Energyclub met een presentatie van DNV GL, één van de grootste huurders op Arnhems Buiten, waarna nog een bezoek aan de indrukwekkende laboratoria in de Rosandepolder werd gebracht.
Wethouder Hans Giesing vertelt: “Ik ben bijzonder gecharmeerd en onder de indruk van de ontwikkelingen en innovaties die plaatsvinden op Arnhems Buiten. De activiteiten op het gebied van nieuwe energie sluiten naadloos aan op de profilering van Arnhem als energiehoofstad en het project Energy Made in Arnhem. De groene parkachtige omgeving is een verborgen schat in het Arnhemse. Al met al een bijzondere (werk)plek waar Arnhem trots op mag zijn!”

 

Internationale kansen biobased economy

Hoe kan Nederland beter profiteren van internationale kansen door de wereldwijde ontwikkeling van een Biobased Economy? In opdracht van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland ging Partners for Innovation vorig jaar aan de slag met deze vraag. De resultaten publiceerden zij in een overkoepelend rapport met de titel ‘International market opportunities Biobased Economy’.

Inventarisatie van mogelijkheden

Het rapport geeft samengevat weer welke kansen er zijn op het gebied van Biobased Economy. Daarbij werd rekening gehouden met de sterke punten van Nederland op dit gebied. Het rapport eindigt met belemmeringen voor het bedrijfsleven. Maar geeft ook een aantal aanbevelingen om deze obstakels te overwinnen.

Country Monitors

Daarnaast ontwikkelde de projectgoep 16 ‘country monitors’. Hierin is belangrijke informatie opgenomen voor bedrijven die willen ondernemen op het gebied van Biobased Economy in de 16 geselecteerde landen.

Mondiale ontwikkelingen

Ook stelde Partners for Innoveation een Powerpoint-document op. Deze presentatie geeft uitgebreid inzicht in de wereldwijde ontwikkelingen in de biobased economy. Tot slot maakten zij een makkelijk doorzoekbaar overzicht met samenvattingen van de literatuurbronnen die voor dit onderzoek geraadpleegd zijn.

Bron: RVO.nl

TenneT investeert in netten en presenteert solide halfjaarcijfers

Elektriciteitstransporteur en hoogspanningsnetbeheerder TenneT heeft de leveringsbetrouwbaarheid van haar hoogspanningsnet voor 36 miljoen eindgebruikers in Nederland en Duitsland op het zeer hoge niveau van 99,9999 procent weten te houden. TenneT’s financiële resultaten in het eerste halfjaar van 2014 waren goed. De stijging van zowel omzet als bedrijfsresultaat (EBIT) hield gelijke tred met de groeiende investeringen in uitbreiding en versterking van de hoogspanningsnetten

Net op zee

Belangrijk is ook dat TenneT door de minister van Economische Zaken is aangewezen als ontwikkelaar en beheerder van een net op zee in Nederland. Daarmee zal TenneT tot 2023, in lijn met het nationaal energie akkoord (SER), naar verwachting netaansluitingen realiseren voor offshore windparken in de Nederlandse Noordzee met een totale capaciteit van 3.450 MW. Dit vraagt om investeringen van EUR 2 tot 3 miljard.

Energietransitie

CEO Mel Kroon: “Wij zijn er trots op dat wij een leveringsbetrouwbaarheid van ons net kunnen bieden die tot de hoogste in Europa behoort en dat wij een grote bijdrage leveren aan een duurzamer energievoorziening. Daarnaast zijn wij verheugd dat TenneT, naast ontwikkelaar en eigenaar van verbindingen voor duurzame energie in Duitsland, nu ook is aangewezen voor het ontwikkelen en beheren van het Nederlandse offshore hoogspanningsnet. Hierdoor is TenneT niet alleen de belangrijkste investeerder in de Duitse transitie naar een meer duurzame energievoorziening, maar ook de Nederlandse. Over de landsgrenzen heen kunnen wij gebruik maken van onze inmiddels unieke en uitgebreide expertise op het gebied van het aansluiten en transporteren van stroom die ver op zee en dichterbij de kust wordt opgewekt. Daardoor kunnen wij nu ook een net op zee in Nederland tegen lagere kosten, sneller, gestructureerd en met minder impact op de leefomgeving ontwikkelen.”
Bron: TenneT.nl

EU-doelstelling: 30% energiebesparing in 2030

De Commissie heeft onlangs de langverwachte EU-doelstelling voor energiebesparing gepubliceerd: 30% energiebesparing in 2030. Daarmee is het zogeheten Klimaat- en Energiepakket compleet, dat zich in eerste instantie alleen uitsprak over CO2-reductie en uitbreiden van hernieuwbare energie. Of de doelstelling van 30% bindend moet worden, laat de Commissie aan de 28 lidstaten. Die besluiten eind oktober 2014 in een speciale Europese Raad over het pakket.

Ernstig verdeeld

De EU is ernstig verdeeld; lidstaten als Frankrijk, Duitsland en de Nordics willen de percentages verplichten. Maar landen die afhankelijk zijn van Russisch gas willen alleen een harde afspraak voor CO2-reductie. Hun angst is dat zij tientallen miljarden euro’s moeten investeren in schonere auto’s, gebouwen en apparaten, terwijl Rusland de gaskraan dichtdraait.
Oorspronkelijk wilde de Commissie 40% energiebesparing als doelstelling hanteren, maar in de afgelopen maanden ging dat omlaag naar ongeveer 27%. Dat is het ‘business as usual’ scenario, want de EU zal in 2020 ongeveer 18-19% besparing hebben gerealiseerd. De aankomende Commissievoorzitter Jean-Claude Juncker heeft zich uitgesproken voor een 30% doelstelling.

EU-regels

De EU heeft al heel wat wetgeving op gebied van energie-efficiëntie. De meest bekende regels zijn die voor energielabels, het afschaffen van de gloeilamp, CO2-standaarden voor nieuwe auto’s en de uitrol van ‘smart meters’. Er is ook een richtlijn die zich richt op het wegnemen van markthobbels voor energiebedrijven, de verplichting voor lidstaten om financiering van energiebesparing te faciliteren en ‘energy audits’ voor grote bedrijven. De Commissie heeft daarnaast een speciale richtlijn uitgebracht over energieverbruik van gebouwen: in 2021 moeten alle nieuwe gebouwen in de Unie energieneutraal zijn.

Afhankelijk van Russisch gas

De crisis in de relatie met Rusland heeft energiebesparing hoog op de Europese agenda gebracht. Volgens de Commissie leidt elke procent besparing tot 2,6% minder gasinvoer van ‘externe leveranciers’, waar 30% van de Europese gasconsumptie vandaan komt.

Bronnen: Europa.eu, Energieactueel.nl

Solar Roadways

Nederland heeft primeur met weg van zonnepanelen

Over enkele tientallen jaren is het rijden op wegen van asfalt wellicht verleden tijd. Waarom namelijk rijden op asfalt, als de wegen ook gemaakt kunnen worden van zonnepanelen? Wegen van zonnepanelen leveren natuurlijk energie op, maar bieden daarnaast nog veel meer onverwachtse voordelen. Hoewel er een grootschalig project is opgezet in Amerika om een weg van zonnepanelen te realiseren, is het naar alle waarschijnlijkheid toch ons eigen Nederland met de primeur van de eerste zonnepanelen weg. Lees hieronder meer over de ontwikkelingen rondom de zonnepanelen wegen in Nederland én het buitenland.

Solar Roadways

Een van de meest besproken documentaires ooit, daar begon het idee van de zonnepanelen wegen mee. Na het zien van Al Gore’s ‘An inconvenient truth’ waren Scott en Julie Brusaw, een Amerikaans echtpaar, vastbesloten om de wereld te redden. En dus startten zij het inmiddels bekendste project van zonnepanelen wegen: de Solar Roadways. Nu, jaren later, is het project verder ontwikkeld en is het eerste prototype af. De insteek van de Solar Roadways wordt dan ook steeds duidelijker.

Opbrengst energie

Zonnepanelen leveren schone energie op en dragen hiermee bij aan een beter milieu. Doordat zonnepanelen steeds aantrekkelijker worden, kiezen meer en meer mensen ervoor om zonnepanelen op hun dak te plaatsen. Toch is de vraag naar elektriciteit zo hoog, dat voor het volledig voorzien in deze energie, de zonnepanelen op meer plekken geplaatst moeten worden dan alleen op het dak. Zonnepanelen in wegen zouden dan ook een perfecte uitkomst zijn. Bij de Solar Roadways worden de panelen bedekt met een ijzersterk, uiteraard gerecyclede, laag glas. Doordat de weg is voorzien van ribbels, is de weg niet glad en dus niet onveilig.

Veiligheid

Het oppervlak van de Solar Roadways hoeft dus niet onveilig te zijn. De Solar Roadways kunnen juist bijdragen aan de verkeersveiligheid. Zo zijn de Solar Roadways voorzien van led lampen. Hiermee kunnen alle mogelijke signalen duidelijk worden aangegeven op het wegdek. Hierdoor zijn niet alleen de verkeersborden overbodig, maar kunnen ook eventuele plotselinge meldingen meteen zichtbaar worden gemaakt voor bestuurders. Ook is het wegdek voorzien van sensoren. Hiermee wordt er een signaal afgegeven wanneer er zich iets ongewoons bevindt op de weg, zoals een wild dier, zodat aankomende weggebruikers hier meteen van op de hoogte kunnen worden gebracht.

Praktisch

Iedereen heeft het beeld nog vers in het geheugen zitten: het is winter in Nederland en de strooiwagens zijn de wegen volop ijsvrij aan het maken. Echter, alleen als het zout nog op voorraad is. In het wegdek van de Solar Roadways zijn warmte elementen toegevoegd waardoor de sneeuw en het ijs direct smelt. Dit is niet alleen veilig, maar ook zeer praktisch.

De toekomst

De bedenkers van de Solar Roadways hebben al veel stappen ondernomen om dit idee tot een succes te maken. Ze hebben al bijna een miljoen dollar opgehaald bij de Amerikaanse overheid en al twee miljoen dollar via crowdfunding. De bedenkers hopen met behulp van private investeerders het proces van het ontwikkelen van de Solar Roadways te versnellen. De Solar Roadways blijven nu dus nog even een werkelijkheid van de toekomst. Maar hoe staat het er eigenlijk voor met de zonnepanelen wegen in ons eigen innovatieve kikkerlandje?

Zonnepanelen wegen in Nederland

Hoewel er in Amerika al veel wordt gesproken over de Solar Roadways, is het naar alle waarschijnlijkheid toch Nederland met de eerste weg van zonnepanelen. Het gaat om een zogenaamd zonnefietspad in Krommenie, Noord-Holland. Het zonnefietspad staat voor oktober 2014 op de planning. Het gaat nog niet om een volwaardige weg, maar om een test, waarbij er circa 100 meter van het zonnefietspad zal worden geplaatst. Dit zonnefietspad, ook wel de SolaRoad genoemd, bestaat uit centimeterdik veiligheidsglas, met hieronder zonnepanelen. De komende twee jaar zal het zonnefietspad in de praktijk worden getest op factoren als opbrengst en veiligheid. De wegen van zonnepanelen zijn misschien wel dichterbij dan we denken.

Import van energie kost EU € 1 miljard per dag

In 2013 gaf de EU €400 miljard uit aan energie-import. Dat is 20% van het totale importbudget. De EU importeert 90% van haar olie, 66% van haar aardgas en 42% van haar vaste brandstoffen. Een groot deel daarvan komt uit Rusland: een derde van de olie, 39% van het gas en 26% van de vaste brandstoffen.

Het recente voorstel van de Europese Commissie om 30% energiebesparing te realiseren in 2030 is een van de stappen om de afhankelijkheid van import terug te dringen. Daarnaast wil de Europese Commissie de binnenlandse energieproductie opschroeven via hernieuwbare energie. Ook kernenergie en schaliegaswinning worden als opties onderzocht.

Denemarken is de enige EU-lidstaat die meer energie exporteert dan importeert. Malta is het meest afhankelijk van energie uit het buitenland, gevolgd door Luxemburg en Cyprus. Nederland hangt onderin de middenmoot. We importeren maar liefst 96.7% van onze ruwe olie en 83.6% van onze vaste brandstoffen. Onze middenpositie danken we aan de export van gas.

In deze interactieve kaart worden de cijfers per lidstaat getoond.

Bron: europa.eu en energieoverheid.nl

 

Thermosmart tweede bij Eigen Huis Startup Challenge

Themosmart, start-up van de Greenhouse Arnhem, is tweede geworden bij de Eigen Huis Startup Challenge, een wedstrijd voor innovatieve producten die wonen comfortabeler maken. 54 Bedrijven uit de hele wereld hebben meegedongen naar de prijs.

Thermostart is een strak vormgegeven online programmeerbare thermostaat die gebruikmaakt van wi-fi. Heel handig: als je de deur uit gaat en vergeten bent de thermostaat lager te zetten, kun je dat alsnog doen met je mobieltje of via de webportal. Zo blijft de verwarming nooit onnodig aan en voorkom je verspilling.

HomeWizard won de Startup Challenge met zijn set om draadloze apparatuur in huis aan te sturen met een telefoon. Sonte werd derde. Het ontwikkelde folie dat glas in ramen en deuren met een druk op de knop transparant of ondoorzichtig maakt. De folie wordt bediend met een smartphone.

Beluister het interview op BNR met Hans Kouwenhoven van Thermosmart (eind programma).
Lees hier het interview met Hans Kouwenhoven voor EnergieNext.

 

Transitiearena: Club van Rome revisited

Wie Wouter van Dieren zegt, zegt Club van Rome. Deze groep van internationale wetenschappers kreeg in 1972 in één klap bekendheid met het rapport ‘De grenzen aan de groei‘. Het rapport gaf een schokkende prognose van het grondstof- en voedselverbruik in de wereld voor de komende jaren. 42 jaar later is het thema actueler dan ooit. Zo blijkt tijdens de Nederlandse-Duitse expertmeeting van 19 juni 2014. Op uitnodiging van gedeputeerde Annemieke Traag en onder bezielende leiding van Wouter van Dieren discussieerden op Landgoed Warnsborn een tiental wetenschappers, ondernemers en politici over het thema Resource Efficiency. Hoe gaan we naar de toekomst slim met onze schaarse grondstoffen om en zetten we een innovatieve stap op weg naar de circulaire economie? Provincie Gelderland als gidsprovincie?

Onder de aanwezigen Harry Lehmann, BundesUmweltAmbt, denktank van Merkel, Michael Braungart, bedenker van Cradle to Cradle concept en Ursula Tischner, Wuppertal Institute en founder Centre for Ecodesign Koln. Maar ook Stientje van Veldhoven (2e kamerlid D66), eco-architect Thomas Rau en directeur Aart Roos van Royal Auping Deventer. Dit gezelschap stond garant voor een ongewoon boeiende avond waar bij tijd en wijle de vlam in de pan sloeg. “Ontwerpers ontwerpen voor 90% rommel omdat de opdrachtgevers goedkope rommel willen”, aldus Tischner. “Europa heeft nauwelijks grondstoffen en dat zorgt voor geopolitieke spanning, maar er ontbreekt een plan B”, stelde grondstoffenexpert Pim Kraan van BuZa. “Ondernemers moeten zich verantwoordelijk voelen voor de producten die ze maken en ze dus zo gaan ontwerpen dat ze na levenseinde weer recyclebaar zijn door de fabrikant. Dus laten we ons vooral daar op focussen”, vond Braungart “ in plaats van op beleid, gedrag en instituties.”. “Waarom moeten we nog vervuilende producten kopen als we ook schone diensten kunnen inhuren” zo vroeg Rau zich af.

Het roer moet om, zo is duidelijk. Dat vraagt moed van beleidsmakers politici en ondernemers. De provincie zou als een belangrijke katalysator kunnen werken, aldus Wouter van Dieren. Met deze prikkelde uitdaging gaan we vanuit programma energietransitie de komende maanden aan de slag, samen met onze uitvoeringspartner GreenTechAlliances.

Leden GS op bezoek bij DNV GL

Onlangs bracht de Bestuurlijke Adviescommissie Regionale Economie en Energie een bezoek aan DNV GL (vroeger: KEMA) op het Energy Business Park Arnhems Buiten. In deze commissie zijn de voor economie en energie verantwoordelijke leden van Gedeputeerde Staten van alle Nederlandse provincies vertegenwoordigd, evenals hun ambtelijke adviseurs. Het bezoek aan DNV GL was onderdeel van een bestuurlijke tweedaagse van de commissie. De Gelderse gedeputeerde Annemieke Traag was de gastvrouw.

Simulatie intelligente energienetten

De commissie liet zich laten bijpraten over de meest recente ontwikkelingen op het gebied van intelligente energienetten (smart grids). “Het is belangrijk dat bestuurders en beleidsmakers ook weten hoe de techniek achter smart grids werkt”, aldus één van de commissieleden. DNV GL biedt – via de samenwerking met Alliander en TenneT – binnen WATT Connects de mogelijkheid om de toepassing van intelligente energienetten op kleine schaal te simuleren, via een interactieve Smart Grid demonstratietafel. Deze tafel bestaat uit een groot computerscherm te midden van meerdere omliggende computerschermen, waarmee een werkelijke situatie in bijvoorbeeld een woonwijk kan worden nagebootst. Elk computerscherm vertegenwoordigt daarbij een huishouden. Door per scherm instellingen als grootte van het huishouden, energieverbruik, wel of geen zonnepanelen, wel of geen elektrische auto, wel of geen opslag, enzovoorts, aan te passen wordt zichtbaar wat dergelijke keuzes met het energienet doen.

Storingen

Tijdens de simulatie bleek dat door de populariteit van zonnepanelen en het toenemende gebruik van elektrische auto’s steeds meer gevraagd wordt van ons energienet. In woonwijken waar heel veel huishoudens eigen zonnepanelen hebben, kan het energienet soms moeite hebben om al die particulier opgewekte elektriciteit goed op te nemen. Dit werd tijdens de demo ‘pijnlijk’ duidelijk: de bezoekende gedeputeerden wisten verschillende malen de gesimuleerde woonwijk stroomloos te maken, door alle bewoners tegelijkertijd veel energie van het net te laten afnemen of op het net te laten terugleveren. De storingen die hierdoor ook in het echt kunnen ontstaan, kunnen voorkomen worden door energienetten slim te laten omgaan met energie. Dat vereist soms technologische en soms regulatorische oplossingen, mogelijk zelfs een veranderende leefwijze.