Arnhem Green Deal

Arnhem zoekt participanten voor Green Deal

De gemeente Arnhem zoekt gebouweigenaren en greentech-bedrijven, die gebouwen in Arnhem willen voorzien van ‘slimme energie’, indien gewenst inclusief elektrisch vervoer. Zij kunnen participeren in de Green Deal Smart Energy Cities, die de gemeente heeft gesloten met het ministerie van Economische Zaken. In totaal moeten met deze Green Deals minimaal 100.000 gebouwen in Nederland worden voorzien van slimme energieoplossingen.

Voordelen

De Green Deal biedt voordelen voor:
1. bedrijven en kennisinstellingen die een idee hebben voor een slimmere energiehuishouding en een plek zoeken voor opschaling én
2. eigenaren van één of meerdere gebouwen die een groenere en zuiniger energievoorziening willen en een plek willen bieden voor opschaling.

Als u een locatie inbrengt, komen voor u de nieuwste en slimste producten voor energievoorziening in beeld die aansluiten op uw wensen en/of die van uw huurders/gebruikers. Als u een (innovatieve) slimme energieoplossing inbrengt, biedt de Green Deal de kans voor toepassingen daarvan op grotere schaal in Arnhem en Nederland. Met extra deskundigheid en geld voor onderzoek en voorbereiding. En voor de toepassing van de innovatieve oplossing.

Aanmelden en meer info

De aanmeldtermijn voor bedrijven, organisaties en locaties is verlengd tot de eerste week van april. Meer informatie en aanmelden.

Utrecht investeert in warmte- en koudeopslag

Utrecht maakt steeds meer gebruik van warmte- en koudeopslag (WKO), een methode om energie in de vorm van warmte of koude op te slaan in de bodem. Deze techniek wordt gebruikt om gebouwen te verwarmen en/of te koelen. De afgelopen vier jaar realiseerde Utrecht tien nieuwe WKO systemen. In totaal telt Utrecht nu ongeveer 60 WKO systemen.
Partners in de stad investeren nu al jaarlijks ruim twee miljoen euro per jaar in WKO systemen en dit bedrag blijft stijgen. Dit bedrag bestaat uit ontwerpkosten, juridische advisering, investeringen in openbare ruimte van de nieuwe WKO’s van circa 40.000 euro per systeem en 12.000 euro beheerkosten per jaar van alle WKO systemen. Om de groei te bevorderen en in de vraag te voorzien opende de gemeente vorig jaar een speciaal loket.

Biowasmachine

In het stationsgebied worden acht WKO systemen gerealiseerd. De grond in dit gebied is verontreinigd, waardoor een ‘biowasmachine’ nodig is om te saneren, alvorens WKO toe te kunnen passen. De partijen die WKO’s exploiteren, betalen een bijdrage aan de sanering. De gemeente investeerde er tien miljoen euro in. Biowasmachine is het stimuleren van de afbraak door bacteriën. Het inbrengen van warmte en het rondpompen bevordert de bacteriewerking.

Jaarbeurs, Rabo, NS en Tivoli

 

De Jaarbeurs en de Rabobank hebben nu een WKO-systeem, NS realiseert er zeker twee. De gemeente realiseerde zelf een WKO bij het nieuwe Tivoli/Vredenburg. De Rijksgebouwendienst wil bij de renovatie van de Knoopkazerne een WKO realiseren. Op dit moment staan nog vijftien WKO systemen op de planning, waaronder een collectief WKO-systeem in Rijnsweerd. Daar hebben eigenaren en huurders het initiatief genomen tot het verduurzamen van het terrein. ASR realiseerde op Rijnsweerd al een WKO systeem bij de renovatie van het hoofdkantoor.

Over Utrechtse Energie!

De gemeente maakte vier jaar lang 0,5 % van de begroting van 1,3 miljard vrij voor verduurzaming ondernemen en meer groen werk te stimuleren. In dit programma Utrechtse Energie! werken 800 ondernemers mee aan verduurzaming van de stad. De corporaties maken woningen energiezuiniger en hebben hiermee al veel groenere energielabels voor hun woningen gerealiseerd. Zes grote gebiedsverenigingen en drie brancheverenigingen zetten collectief in op verduurzaming. Gemeente en de verenigingen trekken samen op in het opzetten van verduurzamingsprogramma’s en ondernemers investeren, omdat het aantrekkelijk is voor hun onderneming. De gemeente Utrecht schat in dat er jaarlijks 1000 groene banen bij komen in de stad.

Bron: Utrecht.nl

lichtgevende zonnecel

Mobieltjes met zelf-opladende touchscreens

Wetenschappers hebben een zonnecel ontwikkeld die twee functies heeft. Overdag vangt deze licht op. En als het donker wordt, geeft deze licht af. Het nieuwe materiaal kan wel eens leiden tot de ontwikkeling van touchscreens die eveneens dienst doen als zonnepanelen.

Toevallige ontdekking

De ontdekking werd onlangs per toeval gedaan door onderzoekers van de Nanyang Technological University in Singapore. Natuurkundige Sum Tze Chien vroeg zijn assistent om een laser te richten op het hybride perovskiete zonnemateriaal. Tot hun verbazing begon het licht te geven. En dat is verrassend. De meeste zonnecellen zijn namelijk uitstekend in staat om licht te absorberen, maar kunnen heel moeilijk licht genereren. Perovskiet, volgens Science de doorbraak van het jaar, is voordelig materiaal voor experimentele zonnecellen met een opbrengst die nu al zo hoog als van de zonnepanelen op het dak.

Flatscreens

“Wat we hebben ontdekt is dat het materiaal lichtdeeltjes kan vasthouden en omzetten naar elektriciteit of vice versa doordat het materiaal van zo’n hoge kwaliteit is en erg duurzaam is bij het blootstellen aan licht”, aldus onderzoeker Sum. “Door het aanpassen van het de compositie van het materiaal kunnen we het materiaal een fors aantal verschillende kleuren laten uitzenden. Hierdoor is het geschikt als een flatscreenapparaat.”

Het zou ook gebruikt kunnen worden om touchscreens voor telefoons van te maken. Als een telefoon leeg dreigt te raken, hoeft deze alleen maar even in de zon te liggen om op te laden. Er is veel meer denkbaar, bijvoorbeeld in winkelcentra. Overdag wekken de zonnepanelen energie op. En zodra het donker wordt, veranderen ze in schermen die licht geven en waarop bijvoorbeeld advertenties kunnen worden weergegeven.

Lees hier het gehele onderzoek
Dit artikel is gebaseerd op een artikel in GroeneCourant en Scientas

earth hour

29 maart 20.30 uur… Earth hour!

Over de hele wereld gaan de lichten uit bij miljoenen bedrijven, en in vele dorpen en steden. Zoals bij de Eiffeltoren in Parijs, langs de skyline van de haven in Hong Kong, bij de Miladtower in Iran en bij de Kettingbrug in Boedapest. Ook Nederland doet volop mee. Een greep: bij de Efteling, Center Parcs, de Schoen van ING, het Paleis op de Dam en in Arnhem de Eusebiuskerk en het Musis Sacrum gaan de lichten een uur uit. En natuurlijk bij veel burgers!

WNF switch-off event

Haarlem organiseert een groots WNF switch-off event. WNF Ambassadeurs André Kuipers en Harm Edens doen de lichten uit van de Grote Markt en Elske DeWall, B-Funky en VanVelzen zullen de avond muzikaal invullen.

Gemeenten op zwart

Steeds meer gemeenten sluiten zich aan bij Earth hour. Ze doven op zaterdagavond 29 maart om 20.30 alle niet-noodzakelijke verlichting in en om het gemeentehuis en andere gemeentelijke gebouwen, vragen hun inwoners om mee te doen en de beheerders van beeldbepalende gebouwen, kerken, bruggen, musea, etc. Ook zijn er gemeenten die een speciale activiteit of een spectaculair evenement in het donker organiseren. In Arnhem gaan om 20.30 uur de lichten uit van o.a. de Eusebiuskerk, Musis Sacrum en Café Brasserie Dudok. Bij Dudok gaan om 20.30 uur de kaarsen aan en borrel of dineer je in een extra sfeervol verlicht café. Vrijwilligers van het WNF regioteam Arnhem-Nijmegen zullen aanwezig zijn in Dudok om eventuele vragen over de actie te beantwoorden.

Doe mee!

Vul je postcode in en zie wat er bij jou in de buurt gebeurt. Gemeenten, bedrijven en andere organisaties kunnen hier op Facebook aangeven dat ze meedoen. Iedereen kan er zijn activiteit doorgeven!

Signaal

Earth hour is bedoeld als signaal dat onze huidige leefwijze (ecologische voetafdruk) teveel beslag legt op de aarde. Onze planeet heeft anderhalf jaar nodig om te produceren wat wij in één jaar consumeren. De natuur is aan het verliezen wij verliezen de natuur. De rijkdom aan soorten dieren en planten (biodiversiteit) neemt af. Als iedereen zou leven als de gemiddelde Nederlander, hebben we 3,5 aardbollen nodig om in onze behoeften te voorzien. Deze impact verkleinen lijkt soms moeilijk, maar het is wel mogelijk. En het begint bij jezelf. Als we ons daarvan allemaal bewust zijn, geven we samen de aarde door.

innovatievoucher

Gelderse innovatievouchers voor Energie- en Milieutechnologie

MKB-bedrijven in de sector Energie- en Milieutechnologie (EMT) in Gelderland kunnen een innovatievoucher aanvragen tot € 10.000 (inclusief btw) bij GreenTechAlliances. De vouchers zijn bijvoorbeeld om nieuwe producten op de markt te kunnen brengen, verbeteringen door te voeren, processen te optimaliseren of een samenwerking aan te gaan. Elke afzonderlijke voucher vergoedt maximaal 50% van de kosten van een haalbaarheidsonderzoek.
De vouchers zijn vooral bestemd voor bedrijven zonder eigen R&D afdeling die hulp nodig hebben bij het innovatieproces. Alles over criteria, bestedingsmogelijkheden en de aanvraag staat hier.

 

energieprestatiecontract

Renovaties financieren met energiebesparing

Het SER Energieakkoord stelt dat de vastgoedsector behoefte heeft aan een verlaging van de financieringskosten en ruimere financieringsmogelijkheden voor energieprestatie bevorderende investeringen. Deze zouden ten goede komen aan de renovatie van verouderde en inefficiënte gebouwen. Een goede manier kunnen energieprestatiecontracten zijn en de inzet van Energy Service Company’s. Ondanks alle voordelen komt dit weinig van de grond.

Voordelen

Het basisprincipe van een energieprestatiecontract  is dat investeringen ter verbetering van energie-efficiëntie rechtstreeks gefinancierd worden uit bespaarde energiekosten. Het belangrijkste voordeel is dat technische en financiële risico’s overgenomen worden door de Energy Services Company die de energiebesparing garandeert.

Onbenutte kansen

Er is een groot potentieel voor energieprestatiecontract-projecten binnen de EU, maar dit wordt niet benut. Dit is een paradox in deze tijd van financiële crisis, waarin organisaties niet over het benodigde kapitaal beschikken om hun gebouwen te renoveren. Uit een onderzoek van het EU-project Transparense blijkt dat dit komt door gebrek aan vertrouwen in de industrie, de complexiteit van het energieprestatiecontract-concept, ineffectieve regelgeving, gebrek aan overheidssteun en onzekerheid met betrekking tot subsidies en beleid.

Financiering

Het verkrijgen van financiering voor een energieprestatiecontract-project is een groot struikelblok voor energieprestatiecontract-klanten in veel (maar niet alle) Europese landen. Financieringsmaatschappijen en banken aarzelen om adequate financiering te verstrekken. Interessant genoeg wordt de financiële crisis ook gezien als een stimulans voor de energieprestatiecontract-markt als gevolg van de stijgende energieprijzen en de noodzaak van kosten reductie.

Ondersteuning via project Transparense

Het project Transparense ondersteunt de ontwikkeling van een betrouwbare energieprestatiecontract-markt door het creëren van een Europese gedragscode en nationale implementatiestrategieën. Transparense wordt gefinancierd door het Intelligent Energy Europe Programma van de Europese Commissie. De belangrijkste doelgroepen zijn (potentiële) energieprestatiecontract-aanbieders en hun klanten. Het project omvat ook trainingsprogramma’s en kennisoverdracht van landen met veel ervaring met energieprestatiecontracten naar meer beginnende landen. Het brengt 20 Europese partners samen en heeft een budget van 2.1 miljoen euro.

Workshop 15 april 2014

Op 15 april organiseren Energieonderzoek Centrum Nederland en ESCoNetwerk.nl in het kader van Transparense de workshop ‘Energy Service Company-kansen bepalen‘. Hij is voor voor (publieke en private) gebouweigenaren- en gebruikers en decentrale overheden (opdrachtgevers). Deelnemers maken kennis met de strategische vragen die opkomen als ze overwegen om energiediensten uit te besteden. Bijvoorbeeld of het project of hun organisatie geschikt is voor een ESCO of hoe het er eventueel geschikt voor te maken is. Aanmelden via een e-mail naar: aanmelden@esconetwerk.nl o.v.v. ‘Workshop ESCo-kansen bepalen’
Meer informatie over het Transparense project: Marijke Menkveld, Energieonderzoek Centrum Nederland, 088-515 4017, menkveld@ecn.nl

Oryon Watermill, deepwater-energy, waterkrachtcentrale, start-up, Arnhem

Arnhemse start-up plaatst 27 maart waterkrachtcentrale voor groene energie

De start-up Deepwater-Energy van Greenhouse Arnhem plaatst op 27 maart zijn waterkrachtinstallatie achter de stuw bij Ulft in de Oude IJssel. Jaap Ory van Deepwater-Energy is de uitvinder van de milieuvriendelijke waterkrachtinstallatie, de Oryon Watermill, die groene hernieuwbare energie opwekt.

Jaap: “Waterschap Rijn en IJssel geeft ons de ruimte om onze innovatie aan een breed publiek te tonen. Tegelijkertijd wordt de techniek van de watermolen getest en voeren we vistesten uit, om te kijken of het systeem geen schade toebrengt aan vissen. De proefopstelling staat er tot eind april 2014.”

Energie voor 60 huishoudens


De proefopstelling is zichtbaar voor passanten, maar het grootste gedeelte van de opstelling is onder water geplaatst. Het uit de stuw vallende water wordt via een trechterconstructie opgevangen en naar de watermolen geleid. Het water behoudt zo zijn snelheid en wordt gebruikt om de Oryon Watermill te laten draaien. Met de opstelling in de stuw van Ulft wordt genoeg energie opgewekt voor ongeveer zestig huishoudens.

Zeer effectief

In het najaar van 2013 heeft een drijvende Oryon Watermill in de Rijn bij Tolkamer in een eerdere test aangetoond dat zij in de erg trage vrije stroming van de Rijn zeer effectief elektriciteit opwekt. Uit de eerdere vistesten begin november 2013 bleek de Oryon Watermill visvriendelijk. Dit wordt in Ulft nogmaals onderzocht , maar nu in de geforceerde stroming in de stuw van Ulft.

Eerst zien, dan geloven

“We zijn verheugd dat wij ons proof of concept programma in Ulft kunnen afsluiten. De situatie rondom de stuw is representatief voor het winnen van energie in stroomversnellingen wereldwijd. Bij het op de markt brengen van een innovatie is het vaak ‘eerst zien dan geloven’ (proven technology). In Ulft kunnen we laten zien hoeveel kracht er in water zit en wat wij daarmee kunnen. We leven in een land met heel veel water en het zou prachtig zijn als dat potentieel beter benut zou worden en dat op een groene, hernieuwbare wijze.”
Aan dit project werken naast Waterschap Rijn en IJssel en Deepwater-Energy onder andere firma Pasman Motoren & Aggregaten, Oryon Consultancy & Development, Siemens, Rijkswaterstaat en PPM Oost mee.

energiecoöperaties

Overheidsbeleid belemmert energiecoöperaties

Nederland telt ongeveer 110 energiecoöperaties. Ze willen lokaal energie opwekken en besparen, en de lokale economie en gemeenschap versterken. Hun insteek is dat energiebaten ten goede moeten komen aan de gemeenschap. Het perspectief op toekomstmogelijkheden voor deze energiecoöperaties is echter nog relatief beperkt, zo blijkt uit onderzoek van het PBL en Asisearch dat op 20 maart verscheen.

Grotere projecten moeilijk uitvoerbaar

Met het huidige overheidsbeleid zijn grotere projecten, zoals zonnecentrales, windmolens en grootschalige energiebesparingsprojecten in de particuliere woningvoorraad moeilijk uitvoerbaar voor energiecoöperaties. Hun activiteiten beperken zich in veel gevallen tot collectieve inkoopacties voor zonnepanelen, kleinschalige en kortlopende energiebesparingsacties, het doorverkopen van hernieuwbare energie en het beheren van een informatieloket. Hun bijdrage aan de landelijke doelen voor hernieuwbare energie en energiebesparing voor 2020 lijken daarmee vooralsnog beperkt te zijn.

Onzekerheid over zonnecentrales

Voor de moeilijke uitvoerbaarheid zijn verschillende redenen. Zo is het bij zonnecentrales onzeker of deze voldoende rendabel zullen zijn: het financieren en beheren van zonne-installaties op bijvoorbeeld scholen (ook wel ‘ontzorgconstructie’ genoemd) was tot voor kort een financieel aantrekkelijke activiteit. Maar vanwege een nieuwe bepaling dat de elektriciteit alleen is vrijgesteld van energiebelasting als deze is opgewekt ‘voor rekening en risico’ van de verbruiker, is het onzeker of dat zo blijft. Daardoor worden plannen momenteel uitgesteld. Of de levering van zonne-elektriciteit onder de nieuwe ‘postcoderoosregeling’ aantrekkelijk zal zijn voor energiecoöperaties moet nog worden afgewacht, maar de eerste reacties wijzen erop dat het verdienmodel waarschijnlijk erg mager is.

Windmolenprojecten te complex

Windmolenprojecten zijn weliswaar rendabel maar qua uitvoering dermate complex dat deze voor de meeste nieuwe energiecoöperaties alleen haalbaar zijn als zij samenwerken met een professionele ontwikkelaar. Grootschaligere energiebesparingsacties in de particuliere woningvoorraad zijn moeilijk vol te houden voor een enkel uit vrijwilligers bestaande coöperatie.

Duidelijkheid nodig in landelijke regelgeving

Het succes of falen van energiecoöperaties wordt deels bepaald door landelijke regelgeving. De Rijksoverheid zou over bijvoorbeeld een jaar kunnen evalueren of de gesignaleerde potentiële knelpunten voor de postcoderoosregeling daadwerkelijk een onoverkomelijke hobbel vormen voor energiecoöperaties, en in dat geval de regeling kunnen verruimen. Daarnaast zou de Rijksoverheid snel duidelijkheid moeten verschaffen onder welke condities vrijstelling van energiebelasting voor zonnecentrales wordt toegestaan.

Goede vergoedingen van gemeenten nodig

Deels ligt de sleutel in handen van de gemeenten. Als gemeenten willen dat energiecoöperaties een grotere rol kunnen spelen in het energiezuiniger maken van de particuliere woningvoorraad, moeten ze daar een reële vergoeding tegenover zetten, zodat de coöperatie bijvoorbeeld een zzp-er als projectleider kan aanstellen. Ook van belang is dat gemeenten zelf een duidelijke visie ontwikkelen op de lokale energievoorziening en op de onderlinge rol en taakverdeling van de diverse actoren op dit terrein, waaronder de lokale coöperaties.

Energiecoöperaties en initiatieven in Gelderland

Op EnergieCoöperaties Gelderland van Provincie Gelderland staat een overzicht van de energiecoöperaties en initiatieven in Gelderland. Op SlimOpgewekt staat een Gelders overzicht dat mede is gebaseerd op een inventarisatie van de Natuur en Milieufederaties. Op 27 maart is er in Lochem een Internationale Meeting over de stimulering van burgerinitiatieven voor duurzame energie met sprekers en workshops over onder andere zonne-energie, biomassa en waterkracht.

Interview: Arnhemse start-up brengt oplossing voor Solar Home Systems in Afrika

De CE, ‘Collaborator Electronico’, een uitvinding van Arnhemmer Jan Fransen, bestaat pas drie maanden en er zijn er al 2.600 geproduceerd. Het is een eenvoudige, slimme technische oplossing voor een sociaal probleem in Afrika: ervoor zorgen dat gebruikers van Solar Home Systems hun rekening betalen. Jan Fransen zit als start-up in Greenhouse Arnhem.

Leg eens uit

Jan: “Solar Home Systems (SHS) is een zonnepanelensysteem van Fres, dat nu in acht Afrikaanse landen bestaat. Het voorziet een huis van stroom, die vooral wordt gebruikt voor het opladen van mobiele telefoons en verlichting. Soms ook voor een radio of tv. Een SHS wordt geplaatst op een huis en de bewoners leasen het. Leasen betekent dat er elke vijf weken betaald moet worden. En dat bleek een probleem.”

Wat gaat er mis?

“In Afrika wordt het leasegeld huis-aan-huis opgehaald door een administrator, de collector. Als je niet betaalt, wordt de stroom afgesloten. Maar wat nu als het gaat om je familie of vrienden? En als er heel goede redenen zijn? En er druk op je wordt uitgeoefend om het door de vingers te zien? Het zijn allemaal kleine gemeenschappen, iedereen kent elkaar. Ik bedacht een oplossing, waardoor de collector niet zo onder druk komt te staan. Een stoplichtje.”

Hoe werkt het?

“Het stoplichtje is gekoppeld aan het SHS. Er zijn vijf ledjes, elk ledje staat voor een week stroom. De eerste drie zijn groen, de vierde is oranje en de vijfde is rood. Je wordt gewaarschuwd als het tijd wordt om te betalen. Dan gaan de groene lampjes uit en begint het oranje lampje te knipperen. De laatste week gaat het rode lampje aan dat steeds sneller gaat knipperen. Als je niet betaalt, gaat het SHS uit. In de praktijk gaan de meeste mensen uit zichzelf naar de collector om te betalen als het oranje lampje brandt.”

Hoe loopt de CE?

Er zijn nu 12.000 SHS-systemen van Fres geplaatst in acht landen. Fres (Foundation Rural Energy Services) zet kleinschalige elektriciteitsbedrijven op op het platteland in ontwikkelingslanden waar geen aansluiting is op het nationale elektriciteitsnet. Ze bieden huishoudens en kleine bedrijven toegang tot elektriciteit, die ze bij voorkeur met zonne-energie opwekken. Het leasegeld is nodig voor het onderhoud. Het stoplichtkastje, de Collector Electronico, scheelt een hoop gedoe. Het mooie is dat er een betalings-administratiesysteem aan gekoppeld is. Ik verwacht dat mijn oplossing een succes wordt. Vorige week kwam er weer een bestelling voor 400 stuks.”

 

bedrijvenpark A1 Deventer

Intelligent en duurzaam bedrijvenpark in Deventer van start

Netters Infra bouwt als eerste een bedrijfspand op A1 Bedrijvenpark Deventer. Voor de zomer moet het in gebruik genomen worden. Het is een bijzonder bedrijvenpark dat investeert in energievoorzieningen om op termijn energieneutraal te zijn. Momenteel wordt het bouwklaar gemaakt.

Lokale energie

Een jaar geleden sloot de gemeente Deventer een overeenkomst met Cofely voor de energievoorziening op het bedrijvenpark. Cofely zorgt voor de duurzame lokale energieopwekking, de distributie en de levering van energie aan afnemers. Hiervoor gaat Cofely samenwerkingsverbanden aan met partijen die hieraan bij kunnen en willen dragen. Met Royal Haskoning DHV (procesbegeleiding en engineering), Alliander (netbeheer) en Raedthuys (windturbines, zie verder) wordt in dit kader al nauw samengewerkt.

Intelligent netwerk

Het elektriciteitsnet wordt een modulair intelligent energienetwerk. Bij de energieopwekking wordt gebruik gemaakt van warmte-koudeopslag, twee windturbines op het naastgelegen bedrijventerrein Kloosterlanden, zonnepanelen en biomassa. De ontwikkeling van slimme energienetwerken in Nederland is bijzonder. Het ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie heeft er in 2011 een subsidie van ruim € 1 miljoen euro voor toegekend.

Het modulair intelligent energienetwerk stemt vraag en aanbod op elkaar af door gebruik te maken van de flexibiliteit van de aangesloten opwekkers en afnemers die hieraan mee willen werken. Informatiesystemen meten en sturen de energiestromen. Overschot aan duurzame energie wordt opgeslagen of direct verbruikt door verhoogde activiteit van de participerende bedrijven. Bij een tekort wordt opgeslagen energie gebruikt.

Inwoners mede-eigenaar windpark

De totale investering in het windpark bedraagt bijna 6 miljoen euro. Raedthuys Windenergie BV. realiseert en exploiteert de windturbines. Het bedrijf ontving een subsidie van de Rijksoverheid voor de productie van duurzame energie. De Deventer Energie Coöperatie neemt deel aan het windpark en kan voor een kwart eigenaar worden.

De twee windturbines van elk 2 megawatt hebben een verwachte jaarproductie van 9,9 miljoen kWh. Inwoners en bedrijven in Deventer en omstreken kunnen een aandeel nemen in de productie van duurzame energie. De coöperatie geeft daartoe ledenparticipaties uit à € 250 en wil daarmee ten minste € 400.000 bijeenbrengen voor haar aandeel in de totale investering. De aan te schaffen participaties zijn een lening, die men terugkrijgt als de levensduur van de molens (circa twintig jaar) verstreken is, of eerder als men tussentijds wil uitstappen. Sinds eind december kan men via www.deventerenergie.nl participeren.

Wie dat wil, kan zijn energiegebruik afstemmen op windstroom uit de eigen molen, door via Deventer Energie zijn energielevering te regelen. Iedereen kan eraan meedoen, ook bewoners met zonnepanelen op het eigen dak. Het is de bedoeling dat de windmolens eind 2014 draaien.

Off-grid power plants will boost economic development

The Sustainable Off-Grid Power Plant for Rural Applications (SOPRA) brings renewable electricity to rural areas that are not connected to the fixed energy network. By using SOPRA technology, we can reduce impediments to economic development in developing countries.

Imagine! You are living in a place where you don’t have electricity or access to the national electrical grid.  What are the consequences?  The consequences are indeed uncountable. For example: you are not going to have a lighting system, clean water, TV, a cooling and heating system. A refrigerator and the Internet are the last things that you will think about.

That is why I – a Sudanese master student – chose to work on the SOPRA project, which refers to Sustainable off grid Power Plant for Rural Area. It is a sustainable option to solve the problem of rural area electrification.

As reference, let us take the Sub-Saharan Africa region, which is the region where I came from. According to some references 75% of the population of Sub-Saharan Africa remains without access to electricity. There were 800 million people living there in 2007. It means there are more than 600 millions of people who are living without electricity in this region. And this number is expected to rise due to the population’s growth in this area. The UN predicts a population of nearly 1.5 billion in 2050.

How can SOPRA change the lives of millions of these people?
SOPRA, as smart grid technology system, consists of two renewable energy sources: solar and wind. Battery packs are used as a storage device and a smart master controller PLC is used to monitor and control the power flow in the system. This technology can change the life of millions of people in the rural area.

The main benefit is that – changing their life from conventional to modern life style – they will have electrical lighting systems instead of kerosene lamps, the day length will be extended, they will have clean water and the illness from water diseases like Cholera and Malaria will be reduced. The electricity also provides better education and health centers systems, which lead to healthy and educated community. Moreover, the SOPRA system is environmental friendly and its impact to surrounding environment is negligible. By using SOPRA we serve humanity!

RCT de Vallei

Nieuwe mestverwerkingsplicht motor voor innovaties?

Sinds 1 januari geldt een mestverwerkingsplicht, die strikte eisen stelt aan de verwerking en afzet. Ze dwingt bedrijven tot het zoeken naar nieuwe oplossingen voor het fosfaatoverschot in mest. Het Regionaal Centrum voor Technologie  de Vallei organiseerde hierover onlangs een bijeenkomst voor circa dertig ondernemers, samen met GreenTech Alliances (GTA), gebiedscoöperatie O-gen, Stichting Biomassa en Wageningen UR.

Doel van de bijeenkomst was bedrijven in de Vallei te stimuleren om innovatieve projecten te starten om te voldoen aan de mestverwerkingsplicht. Er werd van alles besproken: van het maken van kunstmest en biogas uit dierlijke mest tot het aanpassen van veevoer. Biogas uit mest is met de huidige technologie niet economisch aantrekkelijk, zo werd gesteld op de bijeenkomst.

Belemmerende energieregels

Maar heeft dit niet vooral te maken met de huidige energieregels? Op DuurzaamNieuws betoogt Han Blok dat 50 van de 80 recent gebouwde mestvergisters financieel niet rendabel zijn door regelingen van de Nederlandse staat. “Grootverbruikers krijgen een drastische vermindering van energiebelasting en over groene energie wordt daarentegen energiebelasting en BTW geheven. Elke m3 gas geleverd aan kleinverbruikers levert de staat minstens een kwartje aan belastingen en elke kWh elektriciteit bijna 15 cent. De industriële grootverbruikers betalen vrijwel geen energiebelasting en BTW en krijgen dus bij elkaar voor enkele miljarden euro’s korting op deze heffing…Door slechts één miljard euro belastingdruk te verschuiven van de biogasboer naar de grote industrie zou de opbrengst van het biogas al verdubbelen. Op die basis kunnen er dan in Nederland nog 4.000 mestvergisters gebouwd worden die dan op een rendabele manier biogas kunnen produceren. Dat vergt een investering van 8 miljard euro maar dat hoeft de staat niets te kosten want het is een investering die een voldoende hoog rendement heeft.”

Pilots en samenwerking in regio

Op de bijeenkomst werden verschillende presentaties gegeven. Oscar Schoumans, onderzoeker mest en mineralen van Wageningen UR, vertelde over de kansrijke oplossing mineralenproducten-op-maat uit dierlijke mest. Daarvoor start binnenkort een pilot in de Achterhoek.

Gijs van Selm, voorzitter van de Stichting Biomassa, adviseerde de ondernemers: “Innoveer samen. Alleen ga je sneller, maar samen kom je verder.” Hij presenteerde een samenwerking van bedrijven in de Achterhoek rond mestinnovaties. Stichting Biomassa is een innovatiecentrum, opgezet door zes Achterhoekse bedrijven. Het stimuleert de ontwikkeling van nieuwe technieken en concepten voor het omzetten van organische reststromen naar producten met een economische waarde.

Ook Stichting Groengas Nederland was aanwezig. Ze zet zich in om de ontwikkelingen op de groengasmarkt te versnellen en de productie van groen gas te verhogen. De stichting werkt samen met agrariërs, de afvalsector, de voeding- en genotmiddelenindustrie, de agrosector, energiebedrijven, netbeheerders, projectontwikkelaars, banken en overheden. De vele initiatieven met groengas zijn op een ‘kansenkaart’ gezet. Hier staat het overzicht van initiatieven in Regio Oost.

Gebiedscoöperatie O-gen ziet voor zichzelf een trekkersrol om samen met bedrijven initiatieven rond mestbewerking op te pakken. De coöperatie zet zich in voor de vitaliteit en kwaliteit van het landelijk gebied in de Gelderse Vallei, Heuvelrug en Kromme Rijnstreek. O-gen stimuleert samenwerking in onder andere agrarisch ondernemen, gebiedsmarketing en natuurontwikkeling. Ze heeft inmiddels bedrijven uitgenodigd om mee te doen aan initiatieven in mestbewerking.

stages biomassa

Studenten doen R&D naar biomassa bij Achterhoekse bedrijven

Dankzij de werving en bemiddeling van de Innovatiehub Biomassa doen studenten zeven R&D projecten bij Achterhoekse bedrijven. Door overlap in de projecten en onderlinge discussie tussen de studenten ontstaan nieuwe inzichten en ideeën. Volgens manager Iris Walhout is de Innovatiehub daarmee uniek. “Er ontstaat daadwerkelijk een versnelling van de innovatie,” zegt Iris Walhout, “Voor de toekomst van de betrokken bedrijven, de regio en de ontwikkelingen in de mestsector heeft dat grote waarde.”

Bedrijfsstagecentrum

De innovatiehub Biomassa is een initiatief van de stichting Biomassa in samenwerking met het Fast Forward programma van Saxion. De innovatiehub startte in november 2013. Het is een bedrijfsstagecentrum dat stagiaires en afstudeerders van verschillende opleidingen werft aan de hand van onderzoeksopdrachten in de vorm van innovatieve projecten van de participanten. Iris Walhout begeleidt en ondersteunt de studenten bij de uitvoering van de projecten. Via wekelijkse gezamenlijke activiteiten kunnen de studenten ook leren van elkaars ervaringen.

Mestverwerking

De stichting Biomassa richt  zich voorlopig vooral op het stimuleren van innovaties op het gebied van mestverwerking  vanwege het grote overschot eraan in de Achterhoek. De algemene ervaring van de bedrijven uit deze sector is dat ze veel tijd kwijt zijn aan het werven en begeleiden van stagiairs voor hun R&D projecten en moeite hebben met het vinden van goed personeel. Door de werving en begeleiding van de studenten door de Innovatiehub Biomassa wordt de bedrijven veel werk uit handen genomen. Tegelijk komen ze op een laagdrempelige wijze in contact met een potentieel aan nieuwe werknemers.

Opleidingen afstemmen op praktijk

Diverse bedrijven uit de sector geven aan dat er ruimte is voor het verder verbeteren van de afstemming van de opleidingen op de praktijk. Aan de hand van de contacten die zijn ontstaan via de Innovatiehub komen hierover nu gesprekken met de opleiders op gang.

In de stichting Biomassa werken o.a. de volgende partijen intensief samen: Dorset (Aalten), ForFarmers (Lochem), Groot Zevert (Beltrum), Wilba Techniek (Eibergen), Waterstromen (Lochem), Nijhuis Water Technology (Doetinchem), Twenergy (Almelo), Stichting Groen Gas Nederland, LTO Noord en CAH Vilentum. De realisatie van de Innovatiehub Biomassa is mogelijk gemaakt door een financiële bijdrage van de provincie Gelderland.

biobased wageningen UR

Wageningen UR verleidt innovatieve bedrijven

Wageningen UR wil jaarlijks tien miljoen euro investeren in high-tech apparatuur om zo meer bedrijven te verleiden om onderzoek te doen op Wageningen Campus. Ook is het streven dat tientallen bedrijven zich op de Wageningen Campus gaan vestigen: spin-offs, kleine en middelgrote bedrijven en R&D-afdelingen van grote nationale en internationale ondernemingen.

Agrofood en biobased economy

Het gaat om bedrijven die zich bezighouden met agrofood en biobased economy. Energiebesparing in groene grondstoffenketens, duurzame energieproductie, scheiding technologieën om groene grondstoffen efficiënter te benutten, zijn zaken waaraan op de campus wordt gewerkt. Het levert volop mogelijkheden voor energie- en milieutechnologie bedrijven. Daarmee kunnen onderwijs, onderzoek en innovatie op Wageningen Campus naar een nog hoger plan getild worden.

Technohal

Dit jaar wordt ook begonnen met de bouw van een bedrijfsverzamelgebouw en een technohal. De provincie Gelderland verstrekt hiervoor een subsidie van 3,5 miljoen euro. In het bedrijfsverzamelgebouw komt een incubator en is ruimte voor tientallen innovatieve bedrijven en start-ups. De technohal wordt uitgerust met onderzoeksfaciliteiten, waar deze bedrijven nieuwe technologie kunnen toetsen aan de praktijk, nadat die eerder op laboratoriumniveau is ontwikkeld. Doordat meerdere bedrijven een gebouw en faciliteiten delen, kunnen de kosten laag blijven. Ook is de verwachting dat er door de interactie tussen de innovatieve bedrijven nieuwe ideeën en samenwerkingsverbanden ontstaan.