Samenwerken in tijden van corona: HAN-studenten ontwikkelen een energiecontroller

Ondanks de coronacrisis werken onderzoekers, studenten en bedrijven samen aan energieprojecten. Zo ontwikkelen studenten en onderzoekers van de HAN een open source-energiecontroller met het Brabantse bedrijf Contecto. Dat doen zij grotendeels vanuit huis. ‘Die printplaat komt later wel.’

Het Industriepark Kleefse Waard (IPKW) in Arnhem is doorgaans een levendige plek. Naast bedrijfsruimtes kent het een aantal hybride leeromgevingen, plekken waar studenten met bedrijven en lectoraten aan projecten werken. Op het IPKW ontwikkelen ze duurzame voertuigen, testen ze energietechnologie voor Nederlandse woningen, doen ze onderzoek naar waterstoftoepassingen en nog veel meer.

Energiecontroller ontwikkelen
De reuring maakte vorige maand plaats voor stilte. Door de coronacrisis worden projecten niet meer op locatie uitgevoerd, in lijn met de maatregelen die het kabinet in maart presenteerde. Onderwijsinstellingen – en daarmee de hybride leeromgevingen – zijn zo goed als uitgestorven. Een uitdaging voor studenten, onderzoekers en bedrijven die bij technische projecten betrokken zijn.

‘Het gaat wat trager, maar gezien de omstandigheden ben ik heel tevreden.’ Aan het woord is Bas de Quinze, tweedejaarsstudent Elektrotechniek en projectleider van een groep internationale studenten. Ook hij verruilde het IPKW voor zijn woning. Hij werkt nu op afstand met een aantal medestudenten van zijn opleiding aan een open source-energiecontroller die geavanceerde meet- en regeltechniek voor warmtesystemen toegankelijk maakt voor ingenieurs.

Het project is gericht op energiebesparing in bestaande Nederlandse woningen. De energiecontroller zorgt dat verschillende installaties – van warmtepomp tot radiator – met elkaar kunnen communiceren, zodat het energiesysteem in een gebouw als geheel beter functioneert en minder energie verspilt. ‘Er zijn maar weinig goede open source-controllers op de markt’, aldus De Quinze.

Samenwerken in de driehoek
De Quinze en zijn groepsgenoten zijn niet de enigen die aan het project werken. Er is – naast de internationale groep – een Nederlandstalige groep studenten van de HAN betrokken, bestaande uit werktuigbouwkundigen en elektrotechnici in opleiding. De groepen werken beiden aan een eigen ontwerp, maar zijn deels afhankelijk van elkaar. De werktuigbouwkundigen in de Nederlandse groep ontwikkelen de installaties waar beide groepen gebruik van maken.

Er wordt bovendien samengewerkt met onderzoekers en het bedrijfsleven. ‘Dit project vindt écht in de driehoek plaats’, benadrukt Jan Geurts van Kessel, docentonderzoeker op de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen (HAN) en begeleider van de studenten. Het lectoraat Meet- en Regeltechniek en het Brabantse bedrijf Contecto, dat zijn oorsprong heeft in de mechatronica, zijn bij het project betrokken.

‘Elke dinsdagochtend kwamen we bij elkaar. Dat was nog maar net opgestart. Vanuit het lectoraat was ik aanwezig als systeemarchitect; vanuit het bedrijf Contecto waren Ontwikkel Manager Sep Schiet en eigenaar Piet van Duinhoven erbij. En natuurlijk de 16 studenten die eraan werkten’, aldus Geurts van Kessel. Die live bijeenkomsten zijn grotendeels in het water gevallen. ‘Veel verder dan een kennismaking zijn we niet gekomen.’

Samenwerking gaat door
Ondanks de coronacrisis vindt de samenwerking een weg. Alle partijen werken nu via Microsoft Teams. ‘We hebben alle bestanden in Teams gezet’, zegt Stijn Biezeman, projectleider van de groep Nederlandse studenten. ‘En we hebben afgesproken dat we elke dinsdag de hele dag gaan zitten en via videogesprekken met elkaar aan het werk zijn. We moeten systemen met elkaar laten praten, dat wordt erg lastig als je zelf geen communicatie hebt.’

Met Teams-meetings zijn niet alle problemen opgelost. Maar dankzij de inzet en creativiteit van alle partijen kan het project worden voortgezet. De volgorde van werkzaamheden is bijvoorbeeld aangepast. De Quinze: ‘Aankomende weken ontwerpen we dingen, in plaats van dat we ze maken. En als de ontwerpen goed zijn, kunnen ze vanuit Contecto gemaakt worden met de schematics en de spullen die wij aanleveren. Dan wordt de technologie toegestuurd en dan kunnen wij er verder mee.’

Een deel van het project zou op locatie worden uitgevoerd, dat is niet mogelijk vanwege de coronacrisis. ‘Het idee was om een testruimte te maken voor ons systeem. Daarin zou een warmtepomp komen, een radiator en een vloerverwarmingsunit. Dan kun je meten hoe het opwarmt en wat de energie-efficiëntie is’, zegt Biezeman. ‘Dat gaat zo niet door.’

Bijdrage aan energietransitie
Het project kan nog steeds tot een goed einde worden gebracht. ‘Er moet wat effort van de HAN en bedrijven worden ingezet om studenten genoeg input te geven, zodat ze hun doelstellingen kunnen halen. Ik denk dat het reëel is, maar niet gemakkelijk’, zegt Ontwikkel Manager Sep Schiet van Contecto. Dankzij deze effort blijven alle partijen een bijdrage leveren aan het energie-efficiënter maken van Nederlandse woningen, een belangrijke ontwikkeling in de energietransitie.

Het is niet zomaar een project waar de HAN en Contecto aan werken. Het is onderdeel van de Meerjarige Missiegedreven Innovatieprogramma’s (MMIP’s), die door de overheid in het leven werden geroepen. Binnen het deelprogramma MMIP 4 werken meer dan honderd partners aan duurzame warmte en koude in de gebouwde omgeving. Een van de doelen binnen MMIP4 is het aardgasvrij maken van 1,5 miljoen woningen in Nederland. Dat is noodzakelijk om de doelen uit het klimaatakkoord te halen.

‘Wij denken dat het heel belangrijk is dat dit in de toekomst ingezet gaat worden en dat wij daar ons steentje aan bij kunnen dragen. Dit is geen project wat voor ons geld oplevert, sterker nog: we leggen er een stukje sponsoring op toe. Maar we vinden het belangrijk’, zegt Schiet. ‘We hebben natuurlijk wel een secundair belang om in contact te komen met bedrijven die ook bezig zijn met deze technieken. Als individu red je het niet. We zullen het met zijn allen moeten doen.’

Eerste iteratie
De ontwikkeling van de energiecontroller duurt in totaal vijf jaar en bestaat uit zeven iteraties. De studentgroepen die nu aan het project werken, leveren een referentieontwerp waar andere studenten – en de betrokken onderzoekers en Contecto – mee verder kunnen. Aan het einde van dit studiejaar zijn de huidige studentgroepen klaar met hun opdracht. Ondanks de corona-maatregelen.

Bron: www.seece.nl

Delen:

SEECE is hét centre of expertise voor duurzame elektrische energie. Deze publiek-private samenwerking jaagt innovatie aan, zorgt voor voldoende arbeidscapaciteit en zet kennis om in financieel haalbare producten en diensten.

Plaats een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.